Respiratoire aandoeningen vormen
de meest voorkomende problemen bij ratten die als gezelschapsdier gehouden worden.
De meest voorkomende klinisch zichtbare luchtwegproblemen bij ratten hebben
een infectieuze oorzaak. Het betreft hier voornamelijk: M. Pulmonis, S. Pneumoniae,
Corynebacterium kutscheri, Sendai virus en cilia associated respiratory (CAR)
bacillus. Deze pathogenen kunnen elkaars verschijnselen versterken wanneer ze
samen voorkomen. Hiervan zullen we M. Pulmonis en het Sendai virus bespreken
aangezien deze het meest voorkomen van de bovengenoemde pathogenen.
Het Sendai virus wordt geassocieerd met een acute respiratoire infectie. De
dieren vertonen hierbij milde respiratoire aandoeningen en hebben een stridor.
Volwassen dieren genezen over het algemeen binnen 2 maanden van deze aandoening.
Voor jonge dieren echter is de aandoening vaak fataal. Wanneer de respiratoire
aandoening erger wordt is er vaak sprake van een combinatie met een M. Pulmonis
infectie.
Waneer het een combinatie is van het Sendai virus en M.Pulmonis wordt het CRD
(chronic respiratory disease) genoemd.
Veroorzaakt chronische pneumonie, rhinitis, genitale infecties en soms middenoorontsteking.
M. Pulmonis wordt meegedragen in de bovenste luchtwegen en wordt overgedragen
door direct contact, sexueel, tijdens de geboorte en via de lucht over korte
afstanden.
De bij deze ziekte vaak optredende stridor en dyspneu worden veroorzaakt door
accumulatie van purulent exsudaat en verdikking van de nasale passages als gevolg
van de ontsteking. Daarnaast treedt vaak ook een ruw haarkleed en porfyrine
kleuringen rondom de ogen en neus. Als het middenoor erbij wordt betrokken treden
nerveuze verschijnselen op zoals rondjes draaien en een scheve kopstand.
Als de dieren niet bezwijken aan de infectie ontwikkelt zich een chronische
bronchopneumonie en bronchiectasieen. Als het zover is worden bovengenoemde
symptomen erger en zullen de dieren ook gaan vermageren. Antibiotica therapie
kan wel een verlichting van de klinische verschijnselen geven, maar elimineert
niet de infectie.
Een secundaire infectie kan in combinatie met M. Pulmonis heel snel tot de dood
leiden. Wanneer er geen secundaire infectie optreedt kan het weken tot zelfs
maanden duren voordat het dier aan deze ziekte bezwijkt.
Te hoge ammoniakconcentraties en
stress zijn factoren waardoor respiratoire infecties sneller aanslaan. Een te
hoge ammoniakconcentratie kan laesies in het respiratoire epitheel veroorzaken
waardoor een pathogeen sneller kan aanslaan, daarnaast vermindert het de zelfstandige
afweercapaciteit van de luchtwegen. Stress kan een immuunsupressie geven zodat
een infectie niet op de optimale manier bestreden kan worden. Met een goede
huisvesting kan men dus de omstandigheden zo gunstig mogelijk maken voor de
ratten, zodat ze een eventuele infectie hoogstwaarschijnlijk minder snel aanslaat.
Kortom een goede huisvesting is zeer belangrijk voor het welzijn en de gezondheid
van de rat |