4 april á2011

SCE4-NEC

 

Het echte leven


Voorafgaand aan het WK voetbal 2010 in Zuid-Afrika waren er een paar Groningse wetenschappers, die zoveel mogelijk data (cijfertjes) van deelnemende landen en spelers hadden verzameld en ingevoerd in een enorme databank. Hier lieten ze speciaal geconstrueerde formules op los en kwamen zo tot een voorspelling van de resultaten van het WK. Deze voorspelling werd niet openbaar gemaakt, misschien om WK-pools niet te be´nvloeden, maar onder toezicht van een notaris in een kluis gedeponeerd. Nooit meer iets van gehoord. Misschien de sleutel van de kluis verloren, maar aannemelijker lijkt het dat ze er faliekant naast zaten. De helaas onlangs overleden Duitse octopus (heette hij Paul, Paul?) had er meer verstand van.

Steeds weer blijkt de combinatie wetenschap-voetbal een op zijn minst ongelukkige te zijn. Hoe heette die Noorse trainer ook al weer, die alle gegevens van zijn eigen spelers en die van de tegenstanders in de computer stopte, en nooit tot opzienbarende resultaten kwam? En ook zijn er nauwelijks academici onder voetballers. Mr. Keje Molenaar, die nu een rol speelt in de Cruyff-tragedie bij Ajax, was een uitzondering. En de Braziliaanse middenvelder Socrates was volgens mij arts. Erik en misschien Jan kunnen ongetwijfeld dit summiere rijtje aanvullen, maar lang zal dat niet worden.

Met Socrates maken we een soepel stap naar de filosofie. Afgezien van de quasi-filosofische uitspraken van Cruyff zijn er nauwelijks raakvlakken te noemen van voetbal en filosofie. De enige, maar dan ook legendarische combinatie van beide belangrijke bijzaken van het leven, is de onvolprezen sketch Philosopher's World Cup van Monty Python. De wedstrijd Duitsland-Griekenland begint en de spelers komen het veld op. De Duitsers hebben o.a. Kant, Hegel en Schopenhauer in de verdediging opgesteld, spits is Nietzsche en de verrassing is Beckenbauer op het middenveld. De Grieken hebben Plato in het doel, Aristoteles als laatste man, Socrates doet ook mee en Archimedes is linksbuiten. Dan de toss en de wedstrijd begint, met denken, denken, discussiŰren en argumenteren. De bal ligt op de middenstip en lang gebeurt er niets, behalve dat Nietzsche geel krijgt van de Chinese scheidsrechter wegens, omdat hij hem beschuldigt van het missen van een vrije wil. Kort voor tijd krijgt Archimedes een briljant idee, Eureka!, speelt de bal naar Socrates, gaat een combinatie aan met een andere oude Griek en zijn voorzet wordt door Socrates bij de tweede paal binnengekopt. Protest van de Duitsers, Hegel en Kant hebben theoretisch-filosofische argumenten en invaller Marx vindt het buitenspel. Maar de Grieken winnen met 1-0.

Voetbal en filosofie ontmoeten elkaar ook op de eerste dinsdag van de maand in Trianon. Dit keer was het thema van het filosofiecafÚ "Het echte leven". Echt veel leven lijkt er niet te zitten in de mannen en vrouwen die de avond bezochten. Wat een contrast met de zeven zaalvoetballers, die versgedoucht hun welverdiende overwinning op SCE kwamen vieren. Gezien de gemiddelde leeftijd van beide ploegen, leek de wedstrijd wel wat op de Monty Python-pot en ook het intelligentieniveau van de spelers kwam in de buurt. SCE speelt een bekeken spelletje, rustig rondtikken en dan opeens een versnelling en een doelkans. Dat werd ons in de heenwedstrijd (1-6) fataal. Nu waren wij slimmer, wachtten af en sloegen op de juiste momenten toe. Erik stak het veld op de as over en schoot onverwacht: 1-0. Remco maakte een Robbie de Wit-goal (van voor de beroerte), inclusief sublieme stift. Wim scoorde twee keer tegen zijn Montessoricollega met de susbtiele voetbewegingen, die we te lang nauwelijks gezien hadden. En Patrick knalde met maatje 44 van Gerard een mooi stuiterend wippertje van Erik in de kruising. Sjoerd had een platonische relatie met de bal, die hij dus voornamelijk op afstand hield.

Voetbal heeft drie helften, voetbal raakt aan het echte leven. Daar snappen die filosofen niets van.

Gerard