23 november 2010

NEC – DZV 3

 

Authenticiteit

 

Vorige week maandag reikte Guus Hiddink het eerste exemplaar van zijn biografie plechtig uit aan Dennis Bergkamp en Philip Cocu. Heel nobel van Hiddink, om tijdens zijn eigen feestje twee andere voetbalgrootheden in het zonnetje te zetten. En een duidelijk statement: hij waardeert Bergkamp en Cocu omdat ze in hun voetbalcarrière zo authentiek zijn gebleven. En dat klopt natuurlijk ook: beide voetballers waren zelden te betrappen op vuil spel of arrogantie, en ook in hun nieuwe leven als trainer gebruiken ze geen ellebogen om aan de top te komen. Ze beginnen gewoon onderaan. Zo is Bergkamp ‘slechts’ trainer van Ajax D2, en niet meteen van Ajax 1. (Mazzelaars, die jochies van 11!)

 

Ook wij kregen zo’n mooi boek mee naar huis. Auteur Marcel Rözer had natuurlijk zijn hele Nijmeegse fanclub meegenomen, met onder andere ex-NEC’ers André, Bas en onze eigen Patrick. Ik kon het niet laten om, als een kleine jongen, Bergkamp en Cocu een handtekening te vragen. Een boek van Marcel over Guus met de handtekeningen van Bergkamp en Cocu. Wie had dat ooit gedacht? Met het groeien der jaren verkleint de afstand naar de voetbalelite. Helden worden aanraakbaar.

 

Het boek heeft het formaat van een stoeptegel, en ook het gewicht ervan. Het puilt uit van de foto’s en neemt je zonder pardon mee naar een bijna vergeten, maar grootse voetbalhistorie. Als je het achterstevoren bekijkt, kom je via Australië, Rusland, Chelsea, Korea, Oranje en PSV uit bij Hiddinks bestaan als voetballer bij de Graafschap, maar ook bij NEC (in lelijke gele shirts). Wereldtrainers zijn ook maar gewoon begonnen, in die tijd nog met snor, weelderige bakkebaarden en een korte strak broek, stoer geportretteerd in de typische bleke kleuren van de jaren zeventig. Het boek over Guus is daarmee ook een referentie van mijn eigen jeugd. Alleen kom ik er zelf niet in voor, terwijl ik toch ook een authentieke voetballer was, als speler van de Venlosche Boys, waarvan de velden op een steenworp afstand lagen van De Koel, destijds onbetwist het mooiste stadion van Nederland. Prachtige shirts hadden we, oranje met een zwarte baan, zoals Ajax maar dan met andere kleuren, en witte broeken. Zeker ook goed voor een wereldfoto. Maar als iemand over mij een boek zou schrijven - niet eens zo’n stoeptegel, gewoon een klein boekje – heb ik geen heldhaftige anekdotes paraat. Waarschijnlijk was ik hetzelfde als nu, verdediger en soms middenvelder, robuust, degelijk, maar ook onwennig en onzeker. De wereld trok aan mij voorbij, zonder dat ik daar grip op had. In tegenstelling tot mijn broer heb ik nooit in eerste elftallen gespeeld. Beter een goede speler in het tweede dan een matige in het eerste. Ook toen al liever in de luwte. Is dat authentiek genoeg om met terugwerkende kracht bewondering te kunnen oogsten? Of ben ik nu pas authentiek? En wat is trouwens beter, authentiek als voetballer of als mens, of misschien allebei? Hier knaagt toch een zekere verwarring. Wat als je van opvliegend en agressief van aard bent en zo ook voetbalt, ben je dan ook nog authentiek? Of heeft Hiddink een ander modelbeeld voor ogen waaraan voetballers zouden moeten voldoen? Een puurheid van voetbal, en misschien ook wel een puurheid van geest, onaangetast door alle ruis die ons voortdurend bedreigt?

 

Ik heb het idee dat de kwestie van authenticiteit voor ons zaalvoetbalteam helemaal niet telt. Wij zullen ons nooit anders voordoen dan we zijn, want daar is ook helemaal geen noodzaak toe. Om dezelfde reden zullen wij ons ook nooit verlagen tot grof spel, geniepige overtredingen of andere onsportiviteit. Waar het professionele voetbal spartelt in de wurggreep van de commercie, spelen wij elke week gratis en voor niks in lege hallen een potje voetbal dat puur gaat om het plezier. Dat is pas authentiek!

 

Neem nu de wedstrijd van afgelopen dinsdag. Al enkele weken heerst een gevaarlijk positivisme over een mogelijk kampioenschap. De statistieken wezen uit dat DZV 3 ons enige weerstand kon bieden, maar bij het aantreden in de zaal bleek dat ze geen wissels hadden, en op ons niveau ben je dan eigenlijk al kansloos. DZV 3 kwam nog wel met 1-0 voor, wat we tot de rust slechts moeizaam konden gelijktrekken naar 1-1, maar daarna was het snel gedaan. Ondanks matig en slordig spel liepen we vrij eenvoudig uit naar 5-1 en het had nog veel erger kunnen worden. Met nog 11 minuten op de iPhone (er was geen scheids) verzwikte een tegenstander zijn enkel. Ook de aanvoerder kon nauwelijks meer lopen, zodat we in overleg besloten om er maar helemaal mee te stoppen en de stand zo te laten. Een unicum, want volgens de regels moet je verder spelen en de tijd vol maken. Maar gelukkig was er geen KNVB-er die dat met verstikkende ambtenarij kon dwarsbomen.

 

(Of misschien toch nog achteraf, als ze dit lezen.)

 

Terug naar de uitreiking van het boek, vorige week maandag. Guus was na de uitreiking van het boek te gast bij Holland Sport, waar de hele uitzending aan hem was gewijd. Hiddink wilde eigenlijk buitenlandse gasten uit zijn voetbalverleden hebben, zoals Romario en Drogba. Om allerlei redenen kwamen die niet, maar gelukkig wel Bergkamp en Cocu die immers ook al bij de uitreiking waren. Maar tijdens de uitzending bleek dat ook die alsnog hadden afgezegd en ergens in Amsterdam zaten te eten met spelersmakelaar Rob Jansen. Ook hier blijken vieze zaakjes te worden gespeeld: Voetbal International is uitgever van het boek en wil met Voetbal International TV (Johan Derksen) in het achterhoofd kennelijk niet dat Holland Sport teveel aandacht krijgt. Het gevolg is dat onze Guus, een van Neerlands beste en meest succesvolle voetbaltrainers, publiekelijk in de steek werd gelaten. Dat verdient hij niet. Gelukkig haalde presentator Wilfried de Jong in zijn programma fors uit naar deze gang van zaken.

 

En Guus? Die voelt zich natuurlijk dubbel bedrogen. Juist de authentieke voetballers waar hij zijn biografie aan opdraagt, vallen op het belangrijkste moment door de mand.

 

Nee, dan had Guus het eerste exemplaar zijn biografie beter kunnen aanbieden aan ons.

 

Paul