19 oktober 2010

NEC-SCE3, 6-3

Knoop

Patrick leest geen romans. Hij slaat wel eens een non-fictie-boek open en begint daar soms braaf in te lezen, maar verder dan halverwege komt hij meestal niet. Het boek verdwijnt dan in de kast, geopend op de pagina waar hij was blijven steken. Inmiddels ligt er al een aardig stapeltje, waaronder ongetwijfeld, zoals bij veel voetballers, De ontvoering van Alfred Heineken. Bovenop ligt De Creatiespiraal van Marinus Knoope. Hè, creatiespiraal? Wat nou, Knoope? Op http://www.decreatiespiraal.nl/home.asp  kijkt een Martin Simek-achtige man je doordringend aan. Hij blijkt in 1989 dat spiraaltje te hebben ontdekt en beschrijft het als “een verrassend eenvoudige heldere en praktisch bruikbare beschrijving van de natuurlijke weg waarlangs de mens zijn eigen wensen realiseert.” Nou, dat wil ik ook wel, dacht Patrick toen hij een HAN-lezing had bezocht van de goede man. Het boek was uitverkocht bij Augustinus, maar deze christelijke voorvader verwees hem naar uitgeverij KIC, die verrassend dichtbij bleek te zijn: Berg en Dalseweg 361.

Patrick erheen, het was een boerderijtje nabij de Maartenskliniek, en wie deed er open? Marinus himself! De 62-jarige aan Parkinson lijdende ex-fysicus stond erop het door onze topscorer gekochte boek te signeren (signaleren, zou de Vieze Man zeggen), hetgeen een bibberige krabbel tot gevolg had. Het boek bleek een bestseller op de “je kan het als je maar wil”- markt, waarop je theorieën vindt die zo simpel zijn, dat het hartstikke ingewikkeld is om ze te bedenken. En vooral ook om de te zetten stappen in de juiste volgorde te krijgen. Knoope zette twaalf termen rond een cirkel en noemde dat geheel creatiespiraal: wensen verbeelden geloven uiten netwerken plannen beslissen handelen volharden ontvangen waarderen ontspannen.

Het leuke is dat we dit concept onbewust toepasten op onze wedstrijd tegen de oudjes (met alle respect, moet je er dan respectloos bijzeggen) van SCE.

Natuurlijk gingen we, ondanks het ontbreken van Paul en Jeroen, naar onze vertrouwde Hennie Huismanhal met de wens deze pot te winnen. We visualiseerden de stand in de competitie, waarin we glansrijk derde stonden en de tegenstander enkele plaatsen lager. Mede door de eerdere 10-5 zege en de goede vorm waarin we verkeerden, geloofden we in een goede afloop. En dat lieten we ook aan elkaar blijken. In de auto en in de kleedkamer buitelden de positieve uitspraken over elkaar heen: “We gaan ze pakken!”, “We vreten ze op!”, “We laten ze een spreekwoordelijk poepie ruiken!”. Wim sprak nog even met zijn collega, de lange SCE-doelman en Sjoerd schopte vriendschappelijk tegen de voet van de vijandelijke coach. We spraken als tactisch concept af om de tegenstander te laten komen, de ruimtes klein te maken en via de counter toe te slaan.

Toen wisten we nog niet dat we al halverwege de spiraal waren zonder een bal te hebben geraakt. Ondanks de wat warrige communicatie over het strijdplan, stapten we vast- en unaniem besloten het veld in. Bij balverlies lieten we ons op eigen helft terugzakken en hoewel we een te voorkomen doelpunt tegen kregen, bleven we geconcentreerd volharden. De beloning volgde spoedig. Erik punterde de bal venijnig in de kruising en Remco bekroonde een omtrekkende beweging met een scherp schot in de verre hoek. Na de rust van dit scheidsloze duel hetzelfde spelbeeld. Sjoerd voorkwam een paar keer de gelijkmaker, eenmaal al grabbelend met behulp van de paal, alvorens Patrick uit de creatiespiraal kroop. Een loepzuivere hattrick toverde hij uit de hoge hoed (of is dat nou juist een hattrick?), tweemaal op aangeven van Gerard. Hiermee was het pleit beslecht, want de tweede SCE-goal viel pas vlak voor tijd.

De SCE-jongens spraken hun waardering uit voor onze goede spel en onderling werd er bij ons op schouders geklopt en wellicht ook andere lichaamsdelen betast. En toen waren we eindelijk in het laatste stukje van de spiraal terechtgekomen: bier in Trianon. En wie bleek daar ’s zondags een lezing te hebben gegeven? Jawel, Marinus Knoope over zijn nieuwste boek De Ontknooping. Dat hadden we dus gemist, maar boeken met een woordspeling in de titel zijn over het algemeen niet lezenswaardig, zeker niet als de schrijver zijn eigen naam daarvoor misbruikt (opdracht: bedenk een boektitel waarin je je eigen achternaam verhaspelt). En trouwens, een betere ontknoping van de avond konden we ons niet wensen.

Gerard