6 april 2010

NEC SCE 7

 

Avanti

 

Voetballers kunnen in het algemeen aardig tennissen. Veel balgevoel, loopvermogen en strijdlust, daarmee kun je vooralsnog een gebrekkige techniek goed compenseren en maskeren. Toen ik een kleine twintig jaar geleden voor het eerst een racket aanraakte bij de niet zo sexy sectie tennis van de personeelsvereniging (genaamd RAKUBAL: Radboud, KU en gewoon bal) van wat toen nog Katholieke Universiteit heette, was de bewondering in de club voor het aantal over het net geslagen ballen mijnerzijds groot.  Ik was van meet af aan een taaie tegenstander, waarbij de tennisles van macho Theo goed van pas kwam (Laatst kwam ik hem tegen in de Lux, waar ik met Pauline naar de prachtige film A single man was geweest. Theo vond de film over de liefde tussen twee mannen maar niks: Daar ben ik veel te hetero voor.).

 

Na een paar jaar organiseerde ik het NEC half open tennistoernooi, als uitstapje voor ons toenmalig veldvoetbalteam, waaraan de helft van de zaalvoetballers van onze huidige ploeg aan meedeed. Paul en Wim werden toen gegrepen door de sport, Erik sloeg een aardig balletje en Jeroen was zelfs een goede B-speler bij Rapiditas, zonder dat we dat wisten. Wim en Paul werden lid van LLTV, de tennisclub in Lent, en ik sloot me daar al snel bij aan. Wim bleek een natuurtalent en ontpopte zich tot een technisch sterke, slimme speler, die bij de clubkampioenschappen steevast hogen ogen gooide en gooit. Hij werd ook een echte Lentse clubman, die zich liet strikken voor menige commissie en bestuurstaak. Toen hij daar ook nog Mariska tegen het tennislijf liep, bleef hij uiteraard in Lent spelen, toen Paul en Gerard besloten hun tennisgeluk dichter bij huis te zoeken en lid werden van de leukste Nijmeegse tennisclub: Avanti 55. De vijf knusse gravelbanen liggen ingeklemd tussen de spoorbaan Nijmegen-Venlo en de Van Haapsstraat. Deze straat vormt de westgrens van de woonwijk waar Jan zijn domicilie vindt, n van de topscorers van onze zaalvoetbalwedstrijd tegen de dikbuiken van SCE 7.

 

Nou, das ook toevallig, heb ik het net over Avanti, wordt Paul vlak voor de pot tegen SCE gebeld door het Avantilid Rob, met wie Paul samen bardienst had bij de tennisclub. Waar blijf je nou? Ik heb nog nooit bardienst gehad, weet niet hoe het allemaal werkt! Paul gaf de verantwoordelijkheid linea rectum terug: Kijk maar in het draaiboek, t is geen fluitje aan. Ik bel straks terug. Eerst lekker voetballen, dacht hij terecht, en dan zien we wel. Goeie keuze, want naast Jan en Erik werd Paul ook topscorer van de avond met twee goals. Dit tot ergernis van Patrick, die er tegen de uiterst zwakke tegenstander maar n in kreeg. Sjoerd baalde ook, omdat hij net de 0 niet hield en eigenlijk was het helemaal een potje van niks, want we bereikten de dubbele cijfers niet eens. Alleen Remco en Gerard vonden ieder nog n keer het doel.

 

De frustratie sloeg snel om in euforie door het spel van Barcelona en vooral Lionel Messi, tegen Arsenal. Het snelst bij Jan, die rechtstreeks uit de zaal halfnaakt en ongedoucht in zijn nieuwe bolide stapte en nog tijdens De TV draait door op de bank plofte. Paul, Patrick en ik zetten in de aswolk van Trianon de TV aan en zagen Messi driemaal scoren. Toen besloot Paul Rob maar eens terug te bellen, die een zenuwinzinking nabij was en smeekte om aflossing. Pat naar huis en getween togen we naar de tennisclub, waar het TV-beeld veel scherper was en het bier beduidend goedkoper. Rob af door zijdeur richting psychiatrie en wij lekker aan de Weizen van Hertog Jan. Ten minste, dat dachten we, maar Rob had de vaten verkeerd aangesloten, zodat we de rest van de avond en een deel van de nacht Leffe Blond hebben gedronken. Waarschijnlijk hebben we ons laten strikken voor een paar commissies en ons laten uitdagen voor een potje tennis op het scherpst van de snede tegen Willem van Gerwen (alweer zon oud-voetballer, van het legendarische Roje Kool ). Leuke sport, tennis. Leuke club, Avanti.

 

Gerard