23 februari 2010

NEC – Orion 1

 

Maatschappij

 

Ik had laatst een discussie met een ex-speler van ons team over diens bezigheden. Hij is werkzaam in de financiële sector en geeft duurbetaalde tips aan banken en verzekeraars, zodat deze nog meer geld kunnen verdienen. Nu heb ik al op verschillende manieren aan den lijve ondervonden dat de financiële instellingen er niet op de eerste plaats zijn om klanten te helpen: zo ben ik door de nalatigheid van mijn verzekeraar opgelopen tegen een boete van 700 euro en ben ik door verkwistinggedrag van een bank een paar duizend euro kwijtgeraakt in een of andere spaarpolis. Als puntje bij paaltje komt, denken ze alleen maar aan hun eigen portemonnee. Bovendien zijn ze oncontroleerbaar. Zo zijn er nog steeds banken die investeren in de wapenindustrie. Ik heb vorig jaar dan ook al mijn geld (en het gespaarde geld van onze kinderen) van de bank afgehaald en gestort op een goede-doelen-bank. Dat lucht op.

 

Het gesprek met mijn ex-teamgenoot heeft mij wel aan het denken gezet. Geld verdienen is ieders goed recht. Sommige verwaaide communisten zoals Gerard zullen het een noodzakelijk kwaad noemen, dat gaat mij iets te ver. Wat in mijn ogen wel belangrijk is, is dat je in je leven op een bepaalde manier iets bijdraagt aan de maatschappij. Is het niet in je werk, dan wel in je vrije tijd. Zo’n bijdrage kan op verschillende manieren en in verschillende gradaties: op educatief gebied, niet-zakelijke dienstverlening, in de zorg, vrijwilligerswerk, de buurvrouw helpen met haar kapotte fiets of lidmaatschap van goede doelen. Na deze constatering kijk ik om mij heen en kom er achter dat vrijwel iedereen in mijn directe omgeving aan dit profiel voldoet. Gelukkig. Mijn ex-teamgenoot is een van de weinigen die uit de toon valt.

 

Degene die, gemeten met deze maatstaf, in ons team er met kop en schouders er bovenuit steekt, is Jeroen. Jeroen is een ontzettend sociale jongen, wiens brede schouders op een prettige manier dissoneren met zijn zachtaardige karakter. In de groep is hij altijd positief en in gesprekken is hij meestal degene die vragen stelt, deels omdat het lot van anderen hem oprecht interesseert, maar deels ook omdat hij dan zelf veilig in de luwte blijft. Want wat er werkelijk in hem omgaat, weten niet veel mensen – en misschien hijzelf ook niet helemaal. Jeroen is al jaren werkzaam als managementtrainer bij een bureau op de Oranjesingel. Dat scoort nog niet zo hoog op de schaal van maatschappelijke relevantie, maar Jeroen heeft ook een andere kant. De afgelopen jaren heeft hij meegeholpen aan een speelfilm met en over daklozen. Een waanzinnig groot project dat honderden uren vrije tijd heeft kost, terwijl thuis ook nog twee kleine kinderen rondlopen. Petje af!

 

Gerard, Erik en ik waren afgelopen weekend in de gelegenheid om Jeroens film, Abraçe Me (Omhels me), te gaan bezoeken in LUX. Jeroen was er uiteraard ook. Hij vertelde wat anekdotes over de totstandkoming van de film: dat het bij de draaidagen onzeker was of alle daklozen ook daadwerkelijk kwamen opdagen, dat een van de hoofdrolspelers op dit moment in de bak zit, dat het filmen in een Braziliaanse sloppenwijk alleen mogelijk was dankzij de aanwezigheid van een bewaker die iedereen kende en dat ze bij invallende schemering moesten maken dat ze wegkwamen, omdat het dan alsnog veel te gevaarlijk werd. Vooraf stond vast dat het proces van de film belangrijk was dan het resultaat. Toch zit de film best aardig in elkaar; dat er bij vlagen wat amateuristisch wordt geacteerd nemen we daarbij graag voor lief. De scènes in Brazilië zijn onvergetelijk. En in de aftiteling zagen we Jeroen drie keer staan: bij montage, productie en muziek. Een megaklus!

 

Jeroen wordt beloond voor zijn inspanningen: hij mag twee dagen per week betaald gaan werken aan vergelijkbare projecten bij Iriszorg, een instelling die zich bekommert om verslaafden en daklozen. Passie wordt werk. Ook voor ons team is dat een gunstige ontwikkeling. Niet alleen zorgt het voor extra good vibes, maar heel praktisch gezien komt het ook ten goede aan Jeroens conditie en scherpte in het veld. Sinds de film af is, is hij alweer een stuk fitter en dynamischer. Ook afgelopen dinsdag, in de wedstrijd tegen Orion, zocht hij gretig de combinaties, sprintte onvermoeibaar over het veld en belaagde onophoudelijk de vijandelijke keeper. Toch verloochent Jeroen ook hier zijn karakter niet, en zal eerder kiezen voor een assist dan een solo. Mede door zijn goede spel wonnen we eenvoudig met 9-2. En dat was nog geflatteerd, want de keeper van Orion keerde nog minstens vijftien schoten.

 

Volgens Jan, die overigens zelf fraai scoorde, had het 25-0 moeten zijn. Zover wil ik niet gaan. Wat we geleerd hebben, afgelopen zaterdag, is een lesje in bescheidenheid en dienstbaarheid aan de samenleving. Dat is belangrijker dan een voetbaluitslag.

 

Paul