20 januari 2010

NEC – SCE 4

 

Motor van het team

 

Erik was tot de komst van Remco de motor van ons team. Erik wil eigenlijk nooit wisselen, want Erik wordt nooit moe. Lang en rijzig tart hij op z’n 46e alle sportwetten, want naast zaalvoetbal doet hij ook nog aan veldvoetbal, schaatsen en wielrennen, plus alle sporten die hij voor ons nog heeft verzwegen. Je zou soms denken dat hij geen thuisleven heeft, of geen andere hobby’s, want hij is ook nog een trouwe doorzakker. Maar een thuisleven heeft hij zeker: Erik had al vrouw en kinderen toen de rest dat nog verfoeilijk vond, of stiekem wilde maar er nog niet aan toe was. Toen onze kinderen nog geboren moesten worden, had Erik er al drie, dat heeft niemand van ons geëvenaard. Erik is met kop en schouders de meest ervaren familieman.

 

Erik studeerde rechten en zonk bijna geruisloos in een leven als semi-ambtenaar bij het Waterschap, wat wij natuurlijk heel burgerlijk vonden. Maar Erik liet het zich welgevallen. Erik is niet iemand van de voorgrond. In de luwte komt hij veel beter tot zijn recht: gedreven en betrokken, flexibel maar ook kritisch, enthousiast en onderhoudend. En Erik weet alles van voetbal en wielrennen. Zijn prijzenkast puilt uit van trofeeën van wielerpoules en voetbalquizzen. Waar anderen op die leeftijd lijden onder fysieke en mentale slijtage, lijkt de tijd op hem geen vat te krijgen. Afgelopen zomer fietste hij nog de Petit Marmotte, drie loodzware Alpencols op één dag. Alleen voor echte bikkels. Vorige week schaatsten we een tochtje van 40 km. Ik kon hem niet bijhouden, terwijl hij makkelijk het dubbele had kunnen schaatsen. Erik zou het liefst de Elfstedentocht doen.

 

Erik

 

In het karakter herkent men de voetballer. Erik is een goede, degelijke speler, een geboren middenvelder die in ons systeem, vanwege de vele afmelding achterin, meestel als veredelde verdediger speelt. Dat maakt voor hem niet veel uit, want met zijn grote passen staat hij in een paar tellen voorin. Soms heeft hij iets teveel tijd nodig, maar hij is nauwelijks van de bal te krijgen en perst er soms briljante pingels uit. Erik lijkt steeds beter te worden, maar misschien komt dat doordat de rest wél aan snelheid en conditie achteruit gaat.

 

Ook in de wedstrijd tegen SCE 4 was Erik een van de uitblinkers: motor, diesel, stofzuiger, aangever en voorbereider van een aantal doelpunten. Een prachtige wedstrijd, een soort revanche zelfs, want de vorige keer was onze winnende goal ten onrechte afgekeurd, mede door toedoen van hun keeper die niet wilde bekennen dat de bal ver over de lijn was gerold. Van deze onsportiviteit was nu niets te merken, integendeel zelfs. De ploegen hielden elkaar in evenwicht, maar wij hadden toch het betere van het spel – en belangrijker nog, weg gaven niets weg. De 5-0 overwinning (Patrick 3x, Remco 2x) was wel geflatteerd, maar zeker niet onverdiend. We klimmen hiermee van de 4e naar de 2e plek en kietelen voorzichtig aan de koppositie.

 

Bij de doorzak na de wedstrijd verkoos Gerard om zijn nieuwe status van vijftiger in te luiden met afwezigheid – als dat maar geen gewoonte wordt. Gelukkig schoof Casper aan, die weliswaar niet had meegevoetbald, maar wel graag wilde verkondigen dat uiterlijk onbelangrijk is. Tussen alle discussies door droomde Patrick weg in drumsolo’s van lang niet meer bestaande hardrockbands, terwijl Sjoerds oogleden bij elk Palmpje heel tevreden verder naar beneden zakten. En natuurlijk was Erik ook weer van de partij. Bijna terloops, maar ook heel trots, kregen we te horen dat hij een prijs had gewonnen bij een nationale voetbalquiz. Alle vragen goed.

 

Het verbaast ons niets. Dat is Erik. Onze stille held.

 

Paul