28 oktober 2008

NEC – Sporting Metima,  5-4

 

Handjes schudden

 

Patrick heeft afgelopen zaterdag op het veld een unicum beleefd: tot zijn grote verbazing moest zijn team van Trekvogels al vóór de wedstrijd handjes schudden met de tegenstander. Het is één van de nieuwe wapens die de KNVB inzet tegen sportverruwing. Enkele Nijmeegse clubs hebben onder leiding van de KNVB een convenant ondertekend, waarbij ze beloven om zich in te zetten voor sportiviteit, zowel binnen als buiten het veld. (Bij Union E5 moeten we als team zelfs een soort sportiviteitscontract tekenen. Ik moet eerlijk bekennen dat we dat nog steeds niet hebben gedaan, hoewel wij ons altijd voorbeeldig gedragen. Ook het handjes schudden vóór de wedstrijd is er bij ons nog steeds niet van gekomen.)

Maar werkt het handjes schudden nu ook? Dat is moeilijk te meten. Patrick is tot nu toe onze enige ervaringsdeskundige. Hij had stellig de indruk dat de stemming er wel beter van werd, niet zozeer vanwege de sportiviteit van het gebaar, als wel door de nieuwigheid van het fenomeen en de hilariteit die het daarmee teweeg bracht. Het ijs werd erdoor gebroken, zoals bij de Wimbledonfinale van 1996 grote hilariteit ontstond door een vrouwelijke streaker, waarna Richard Krajicek zijn tegenstander MaliVai Washington (ja, wie kent hem nog?) heel ontspannen van de baan veegde.

 

Opvallend is dat onze nieuwkomer Remco ook al met goede verhalen kwam over sportiviteit bij het veldvoetbal. Bij UniVV zijn ze tot nu alleen ‘aardige jongens’ tegengekomen. Maar UniVV schudt nooit handjes van te voren, dus daar kan het niet aan liggen. En het had weinig gescheeld of UniVV was in de vijfde klasse ingedeeld in een andere poule, precies de poule waarin pas geleden drie wedstrijden waren gestaakt vanwege onvriendelijkheden. In alle drie de gevallen ging het om confrontaties tussen Nijmeegse en Arnhemse teams. Brrrr. Misschien zou het voor hen wel goed zijn, dat handjes schudden. Van de andere kant: als het handjes schudden een vast onderdeel wordt van onze wekelijkse voetbalroutine, zal het snel aan kracht inboeten. Zo zullen alle nieuwe maatregelen vrij snel te lijden hebben aan sportiviteitsinflatie: ze werken niet meer, omdat ze zijn vervallen tot verplichte gewoontes. Het is overigens een teken des tijds om dissonanten te bestrijden met het instellen van nieuwe regeltjes, en zo mee te helpen aan de protocollisering van onze samenleving. Maar dat is weer een heel ander verhaal.

 

In de zaal doen we niet aan handjes schudden, althans niet voor de wedstrijd. Dat hoeft ook niet, want we hebben zelden last van onsportiviteit. Zaalvoetbal is een relatief nette sport waar fysiek contact in principe verboden is. Je kunt dus nooit iemand lekker onderuitschoppen, zoals buiten op het veld. Voor de echte, geboren onsportieveling is zaalvoetbal daarom helemaal niet interessant. Onsportief gedrag in de zaal gaat dan ook niet over elleboogstoten, slidings met gestrekt been of aanslagen op de enkels, maar over triviale zaken als onwenselijk duwen, onbetamelijk taalgebruik of onvrede met scheidsrechtelijke beslissingen.

 

Precies die ingrediënten kwamen aan bod in de wedstrijd tegen Sporting Metima, een team van wat oudere, technisch begaafde indo’s. In de eerste helft was er nog niets aan de hand. Remco had pech dat zijn debuut plaatsvond bij een bijna volledige bezetting, met vier wissels. Onze eerste goal lag er al in binnen 15 seconden, na een mooie combinatie van Patrick, Gerard en Casper. Dat betekende niet alleen een seizoensrecord, maar waarschijnlijk ook een team- en clubrecord. De 2-0 kwam dankzij Jeroen, die zich langs een verdediger wurmde en met wat geluk vanaf de achterlijn scoorde. Even later draaide Remco weg van zijn tegenstander en zette Jeroen vrij voor de keeper: 3-0. Een mooie dubbele een-twee tussen Pat en Casper zorgde voor een gerieflijke 4-0 voorsprong.

 

Maar dan, ja, dan gaat er toch weer iets mis. Van de 4-1 lagen we nog niet wakker en ook de 4-2 maakte ons niet echt nerveus (hoewel het knullige balverlies al wel de eerste vloeken ontlokte), maar bij de 4-3 kregen we collectief last van een déjà vu. Hadden we ook tegen Sportrijk niet een voorsprong van 7-1 uit handen geven? Die wedstrijd speelden we zonder scheids, waarbij de spelers van Sportrijk hun naam geen eer aan deden en steeds onsportiever werd. Tegen Sporting Metima speelden we mét scheids, maar ook hier verloren enkele Sportingspelers hun sportiviteit. De keeper liep nog wel fier voorop in de weg van de eerlijkheid – in het heetst van de strijd gaf hij twee keer ons de bal na foute beslissingen van de scheids – maar zijn teamgenoten kozen het pad van de geniepige ontwrichting: gemopper, geduw, gevloek... hadden we nu toch maar handjes geschud! Een droge knal, dwars door ons rammelende muurtje, betekende zelfs 4-4. De angst sloeg in de benen, met steeds vier machteloze mannen op de bank die verbaal nog wat olie op het vuur gooiden. De afgrond kwam steeds dichterbij…

 

En dan, één minuut voor tijd, gebeurde het onmogelijke. Erik schoof de bal langs de lijn naar Jan, die Remco naast zich in het gat zag duiken. De pass van Jan was briljant, het doelpunt droog en zelfverzekerd. De overwinning werd eerst nog begroet met aarzeling en ongeloof, maar al snel drong het tot ons door: Remco had ons niet alleen geholpen aan de 5-4 zege op de tegenstander, maar bezorgde ons ook een rechtvaardige overwinning op de onsportiviteit – nou ja, dat is misschien een te groot woord, laten we zeggen: een paar miniscule onaardigheden. Maar toch, ze zijn afgestraft.

 

Veel belangrijker is dat we voorgoed verlost zijn van het Sportrijk-trauma. Kijk, daar kunnen we mee vooruit. Het seizoen gaat hier kantelen. Ik vóel het.

 

Paul

 

Macintosh HD:Users:Paul:Desktop:NEC Futsal.jpg