14 maart 2008

NEC - Spero:† 0-9

 

Come see victory, in the land called fantasy

 

Je hebt van die dagen. Een veel te koude maartse vrijdagavond, met z'n allen in de pausmobiel van Erik, een keeper die per se in zijn eigen bolide naar Elst wil rijden. Naar Elst inderdaad, waar we nog nooit een fatsoenlijke futsalpot op de mat hebben gelegd, en dan ook nog als je weet dat in het Gelredome muzikale helden van vroeger, Earth Wind & Fire, aan het spelen zijn. Dan laat je Fantasy door de avond schallen, met hoge stemmen die toch een octaaf lager klinken dan Philip Bailey indertijd. En dan ook nog weten dat onmisbare ploeggenoten in Boedapest (Paul), Barcelona (Cas) of op de Canarische Eilanden (Wim) zitten of oppas zijn van Sjoerds kinderen (Jan) met goedgevulde koelkast en menig zak chips op de salontafel.

 

Kortom, in desolate toestand kwamen we bij de immer naar chloor ruikende Elstse sporthal aan. Sjoerd had al een aantal wedstrijden niet meer in het doel gestaan, Gerards hart sloeg op alle manieren behalve de goede, Jeroens knie en Eriks rug waren aan de gebruikelijke twijfel onderhevig en Patrick had zijn oogleden laten liften en de hechtingen waren er die ochtend pas uit gehaald."Om meer oog te hebben voor mijn medespelers", zo verklaarde hij. In ieder geval niet voor zijn directe tegenstander, die hij al na vier seconden over het hoofd zag, zodat de bal al na zes tellen in ons netje lag. Het kwam nooit meer goed. Alles wat fout kon gaan ging spreekwoordelijk fout. Inclusief fopduikende irritante blonde Sperotjoch en lamlendig fluitende scheids. Tot overmaat van ramp wisten we geen enkele moeizaam gecreŽerde mogelijkheid te benutten, zodat bij het laatste fluitsignaal een beschamende 9-0 op het scorebord stond.

 

Snel terug naar Nijmegen, dachten we, maar door een omleiding kwamen op het industrieterrein van Elst uit, dat dan ook weer veel groter dan verwacht was, zodat we pas diep in de nacht de dekens over onze vermoeide hoofden konden trekken en eindelijk in een verdiende en verkwikkende slaap vielen. Hoewel, er zal wel weer een hond hebben geblaft, een opgevoerde brommer voorbij gekomen of een echtgenote gesnurkt. Of alledrie.

 

's Ochtends bleek ik alles gedroomd te hebben ...

 

Gerard