12/15 december 2006

NEC - Tinnegieter/NEC - Quick

 

Tweede leven

 

Second Life is een uit de hand gelopen internetgame waarbij een nieuwe, virtuele wereld is gecreŽerd. Je kunt deelnemen aan Second Life door een programma te downloaden en in te loggen. Je verschijnt dan zelf ook in die virtuele wereld als animatie. Met een betaald account kun je van alles kopen, zoals kleren, een huis, maar ook verschillende diensten. Je betaalt met Linden Dollars. 1 Amerikaanse dollar is ongeveer 315 Linden Dollars waard. Je kunt op Second Life ook feestjes bezoeken, naar muziek luisteren en met andere mensen babbelen. Door spullen te maken, bouwen en daarin te handelen kun je geld verdienen. Een paar weken geleden heeft Second Life de eerste (echte!) miljonair opgeleverd. Bedrijven storten zich er inmiddels ook al op. Zo hebben Toyota en Adidas zich al op Second Life genesteld.

 

De mogelijkheden zijn grenzeloos. Er worden al concerten gegeven die alleen virtueel te bezoeken zijn. Ik denk dat wij als NEC 1 de gelegenheid moeten aangrijpen om ons collectief aan te melden en een virtuele zaalvoetbalcompetitie te beginnen. Uiteraard laten we ons sponsoren door Cafť Trianon, dat daardoor eveneens een tweede leven begint op internet. Het mooie is natuurlijk dat we nooit meer echte blessures krijgen. Nu was er van die blessures afgelopen dinsdag niet veel meer te merken, want we waren tegen Tinnegieter met z'n achten. Alleen Erik moest met zijn chronische scheenbeenspierontsteking afhaken (een typische hardlopersblessure, terwijl Erik nooit hardloopt - hoe zit dat?).

 

En nu we het toch over Erik hebben: hoe staat het toch met die prachtige, jaarlijkse statistieken over ons team? Worden die nog bijgehouden of is er voorgoed de klad in gekomen? Vooral Patrick voelt zich inmiddels enigszins ondergewaardeerd en moppert dat ook de assists weer terugmoeten in de statistieken. Dat gaat mij wat te ver, maar voor de volledigheid geef ik - met enige trots - de namen van de spelers die dinsdag het vijandelijke doel troffen: Paul (2x), Wim (2x) en Patrick. De 5-3 overwinning was meer dan terecht. Daarvoor hebben we geen Second Life nodig.

 

Afgelopen vrijdag was het een heel ander verhaal. Met moeite kregen we zes spelers bij elkaar: Jeroen veinsde een hamstringblessure, Wim had huisarrest gekregen van Mariska, en bijna misten we nog Sjoerd (zieke vrouw), Gerard (tennisverplichtingen) en Jan (mysterieuze knieholte en verzwikte enkel). Geen prettig uitgangspunt als je tegen de koploper moet. Toch begonnen we heel aardig en kregen zelfs vier goede kansen, die we echter allemaal om zeep hielpen. Geroutineerd liepen de balgoochelaars van Quick uit naar 1-5, er was geen houden aan. Met veel zwoegen en enig fortuin kwamen we nog wel terug tot 4-5 (Paul, Jan en Patrick 2x), maar daar bleef het ook bij. Typisch zo'n wedstrijd die het veel beter zou doen in Second Life: Cas schiet vaker langs de keeper in plaats van er tegenaan, Sjoerd hoeft geen helm te dragen om knietjes af te weren, Gerard krijgt zijn tien procent hartritmestoornisconditieverlies er weer bij en Jan verzilvert ongetwijfeld die laatste kans wťl, zodat het toch nog 5-5 wordt. Veertigplussers hebben bij Second Life twee tegenstanders minder - blessures en conditiegebrek - en dus een streepje voor. Denk eens in: oppasproblemen horen tot het verleden, Jan is voorgoed verlost van alle kwaaltjes en er is nooit meer een tegenstander die tegen Gerard 'Meneer, uw veter is los' zegt. In Second Life kun je natuurlijk ook makkelijk voorkomen dat Trianon overspoeld wordt door Groen-Links-feestjes en borrels van opgedofte, christelijke ouders van Klokkenbergscholieren. Geen last van rook, de bediening gaat een stuk sneller en draait lekker je eigen muziek. Van de andere kant, je kunt nog zo'n ideale virtuele kroeg bouwen, op internet zul je natuurlijk nooit die heerlijke Kwartjes, Konickjes, Palmpjes, Paulaner en Maredsous kunnen proeven, laat staan een emmer (!) borrelnootjes. Met ploeggenoten heerlijk dronken ouwehoeren over werk en vrouwen, over keuzes in het leven, daar kan geen chatbox tegenop.

 

En dat is natuurlijk het grote gemis van Second Life: je kunt wel het leven nabootsen, maar niet vervangen. Het leven draait om relaties, en relaties drijven op communicatie. Tachtig procent van die communicatie is non-verbaal, zo melden ons de wetenschappers. En juist die vorm van communicatie is niet mogelijk via internet. Second Life bestrijkt dus ook maar hoogstens twintig procent van het leven. Betekent ook maar twintig procent zaalvoetbalplezier en uitgaansgenot.

 

Nou, dan weet ik het wel. Dinsdag weer lekker voetballen in real life.

 

Paul