8 maart

NEC - Niumagi

 

Een reputatie, daar kom je maar moeilijk van af. Vraag maar aan altijd-net-niet-te-laat-Gerard, blessuregevoelige Jan of nootjesverslinder Paul. Eenmaal gebrandmerkt door de samenleving moet je wel heel hard tegen de stroom inroeien om van dat stigma te worden verlost. Nog maandenlang zal verbazing heersen als Gerard ruim op tijd verschijnt, Jan helemaal fit aan een wedstrijd begint of Paul geen nootjes bestelt.

 

Maar wat is eigenlijk de reputatie van ons zaalvoetbalteam? Hoe zien anderen ons? Zijn wij inderdaad de rood-zwart-groene godenzonen die elke tegenstander doen sidderen van angst? Of zijn we het lachertje van de competitie, het meest wisselvallige zooitje ongeregeld? Afgelopen dinsdag kregen we een glimp van reflectie over ons eigen imago. Niet over onze vaardigheden, maar over onze uitstraling. We zijn sportief.

 

Gek genoeg was het juist een wedstrijd die bulkte van de onsportiviteit. Na enkele minuten, het stond al 1-0, gooide Sjoerd een lange bal naar Casper, die vastberaden de bal in het doel legde. De scheids wees naar de middenstip, terwijl heel Niumagi dacht aan een vrije trap omdat de bal tijdens de lange reis naar Casper het plafond had geraakt. Nu waren de rapen gaar (wat een mooie uitdrukking toch). De scheids kreeg de wind van voren en ook wij kregen een sneer vanwege onze niet-solidaire opstelling. (Achteraf gezien kunnen we dat best goedpraten. De scheids had zijn bril niet op, hij bleek ook bij andere foute beslissingen onvermurwbaar en hoorden we Casper niet murmelen dat de bal inderdaad het plafond raakte?)

 

Na deze plafond-scène kwam het niet meer goed. Kennelijk sloop er ook twijfel in de scheidsrechterlijke neutraliteit, want een onhandige beweging van Patrick werd bestraft met geel (en 2 minuten straf). Gelukkig doorstonden we deze ondertal heldhaftig (natuurlijk, dat hadden we tegen Heumen al een hele wedstrijd geoefend). We liepen redelijk makkelijk uit tot 4-2. Totdat Erik, geplaagd door werkdruk, aankomende midlife-crisis en een vervelende tegenstander, natrapte in eigen strafschopgebied. Strafschap, rode kaart en vijf minuten een man minder. (Heeft Erik een reputatie op dit gebied? Normaal krijgt hij nooit rood, maar toevallig werd hij onlangs op het veld er ook al uitgestuurd. Na hoeveel rode kaarten heb je een reputatie?)

 

De penalty was onhoudbaar (4-3), maar de vijf minuten met vier man overleefden we wederom schadevrij. (Voortaan maar gelijk met vier man spelen?) Daarmee was de sportieve wraak van Niumagi gebroken en konden we met gedisciplineerd countervoetbal uitlopen tot 8-3, onder andere door een memorabele pingel van René. Mopperend verdwenen onze tegenstanders na afloop richting kleedkamer. De scheids had echter nog een appeltje te schillen met Erik. Met de staart tussen de benen volgde onze zondaar de arbiter in zijn kleedkamer. Wat zich daar allemaal voor onverkwikkelijke zaken afspeelden, wilde Erik achteraf niet mededelen. Merkwaardig is wel dat hij opeens veel wist over het privé-leven van de scheids (hij heeft een kunstheup!). En ook verdacht is dat na het onderhoud diens rode kaart werd kwijtgescholden.

 

Naast andere zaken moest Erik vooral een preek aanhoren. De scheids had het vooral over onze sportieve reputatie, die we deze avond aardig hadden geschonden. Dat is tegelijk een compliment en een berisping. We zijn eigenlijk heel sportief, alleen deze avond niet. Of zouden we eigenlijk altijd al onsportief zijn, maar kwam het er nu pas uit? Lijkt daarom 'NEC' zoveel op 'NSB' en heeft Sjoerd daarom nazi-initialen?

 

In Trianon was alles weer het oude: slap geouwehoer, een tafel vol bier en nootjes voor Paul. Die reputatie loopt geen gevaar. Hoewel? Al om kwart over tien keerde iedereen huiswaarts. De bardame fronste haar wenkbrauw. Zijn er toch veranderingen op komst?

 

Paul