op de top van de Christoffelberg

Reisverslag Curaçao en Costa Rica 1992

(tekst Erik)

(tekst Paulien)


Dag 1 | Arnhem, 4 juli

Na een week van briefjes met krabbels over ditjes en datjes die vooral niet vergaten mogen worden, staan we met 2 grote en 3 kleine rugzakken te wachten op onze lift. Rob komt ons om half 12 halen. Willes is net langs geweest om de sleutels van onze huizen (dat klinkt luxe!) te halen. De zenuwen ebben langzaam weg. Wat we vergeten hebben heeft pech.
Het is opvallend hoeveel mensen we de afgelopen gesproken hebben die op Curaçao of Costa Rica hebben gewoont. In die zin hebben we ons goed voorbereid. Maar verder staat er nog geen reisplan vast, behalve dat we 1 week op Curaçao gaan solliciteren en 4 weken in Costa Rica gaan grasduinen.

Op Schiphol gaat alles heel voorspoedig. We zijn vroeg, dus kunnen we een plaatsje bij de nooduitgang krijgen met veel beenruimte.
In het vliegtuig blijkt dat de baliedame zich heeft vergist, we zitten één rij vóór de nooduitgang dus alleen met de benen in de nek is er 'beenruimte'.
Op de rij voor ons blijft echte een plaats leeg waardoor ik toch de benen kan strekken. We stijgen alleen gescheiden op. Maar Paulien houdt zich tijdens het opstijgen dapper. Het voelt even vreemd om zonder groep te vertrekken. Dat zijn we van de vorige verre reizen zo gewend. Er zijn genoeg aardige mensen om ons heen om een praatje mee aan te knopen. Met name een vrouw die in Miami woont, een nederlandse nationaliteit heeft en in Mexico geboren is. Haar man is Frans, haar schoonzus Chinees. Ze heeft al heel wat gereisd en blijkt over twee weken ook naar Costa Rica op vakantie te gaan. Wie weet komen we elkaar nog tegen?

De vlucht naar Miami duurt ongeveer negen uur en valt erg mee. Er is nauwelijks turbulantie. Boven de kust van de USA wordt het al donker maar we zijn nog te vroeg om het vuurwerk van Independance Day te zien.
Amerika kom je niet zomaar in. Er moeten weer allerlei formuliertjes ingevuld. Maar we zijn op doorreis dus zijn we in een wip door de douane. Langs een klamme hete promenade wachten we op een busje van ons hotel. Dat duurt even, maar uiteindelijk zitten we (met een collega van Paulien) in het airconditioned busje richting Ramada Inn. In het hotel hebben we een luxe koele kamer met ligbad. Voor ons gevoel is het 17 uur maar het is toch al 23 uur. Na 2 blikjes Cola vallen we in slaap.


Dag 2 | Miami, 5 juli

Mary en Paulien op Miami airportWe dalen af van de 8e verdieping om te ontbijten. Scumbled eggs, spek, wentelteefjes, beans etc. zalig. Tijdens het rondje om het zwembad ontdekken we een hagedis die met een botje in zijn keel een rode keelkwab kan opzetten. Prachtig! We besluiten toch even de camera te halen. Na het fotograferen vetrekken we om 11:30 naar het vliegveld. Bij de ALM staat al een aardige rij en de sfeer is gespannen. Er wordt gestaakt, dus de mensen voor ons waren na een extra overnachting aan hun tweede poging begonnen om naar Curaçao te komen. Het laatste loket wordt geblokkerd door twee wel heel grote koffers. Deze bleken daar heel slim door Mary en Jan Kruisheer te zijn neergezet, ze waren nog even een boodschapje doen. Bij terugkomst stonden ze weer vooraan in de rij. Helaas was hun loketbediende onwel geworden, waardoor ze achteraan in de andere rij konden aansluiten. Ik vond het wel prettig dat Mary en Jan er zijn, want zoals het er nu naar uitziet komen we 's nachts in Curaçao aan. We krijgen een lunch van de ALM. Lekkere lasagne met broccoli, maar ik vrees dat het diner nog lang op zich zal laten wachten. De nieuwste vertrektijd is 18 uur, maar zeker is niets.
Jawel, om 18 uur kunnen we het vliegtuig in. De bestemming is alleen nog niet zeker. Curaçao, Bonaire of Aruba? Het personeel blijken invalkrachten ivm de staking. Tijdens de vlucht gaat er dan ook een kar met frisdrank over een van de passagiers. Gelukkig, het eerste vliegveld wordt Curaçao.
In de aankomsthal zien we een vermoeide Marika achter de ramen. Ze staat al vanaf 17 uur te wachten.

In haar Amerikaanse slee worden we naar haar huis gereden. Het is groter dan ik had verwacht en staat vrij aan een drukke weg. Het is voor deze week verhuurd omdat ze eigenlijk eerder met vakantie zou gaan. Maar Ingelise, die het huurt, vind het geen bezwaar als we erbij in trekken. Het huis is ook groot zat. We ploffen de bagage in de kamer van Julie en gaan met Marieka wat drinken bij de buurman die een tentje 'de Zoete Inval' heeft.
Paulien en Marika hebben elkaar heel wat te vertellen over het leven op de Lorentz en andersom op Curaçao. We zijn bekaf en zoeken om middernacht ons bed op. Een groot bed mèt klamboe en ventilator. We slapen prima. Paulien heeft heel wat gedroomd.


Dag 3 | Curaçao, 6 juli

We worden om 6 uur wakker van de jetlag en om 8 uur nogmaals van de hond, Cesar. Na een douche die koud zou moeten zijn (maar doordat de leidingen vlak onder de grond lopen is ie behoorlijk warm). Ingelise is ook op en we ontbijten samen. Ingelise probeert ook op Curaçao werk te vinden, wat voor haar misschien makkelijker is omdat ze hier geboren is. Dat ze na 4 maanden alweer vertrok maakt kennelijk niet uit om haar toch een woon- er werkvergunning te geven. Het is een leuke meid en we keuvelen tot het voor mij tijd is wat bedrijven te bellen voor sollicitatiegesprekken. Dat is vrij succesvol, ik kan al bij vier bedrijven langskomen en drie kan ik terugbellen.

Buiten in de tuin schieten grote blauw-groene hagedissen door de tuin. En binnen leeft er ook het een en ander: de honden blijken onder de vlooien en luizen te zitten die na het doodtrappen grote bloedspetters op het marmer achterlaten.
Het tocht lekker door het huis, heel aangenaam klimaat.
Marika weet dat de buurman auto's verhuurd, maar hij heeft helaas niks meer. Andere adressen zijn duurder maar een auto lijkt toch onontbeerlijk. Om 13 uur komt Marika langs om Ingelise voor een sollicitatiegesprek te halen en geeft ons een lift naar het centrum.

Daar staan we dan midden in Willemstad, aan de voet van de pontjesbrug uitkijkend op zoet gekleurde huisjes. Deinend gaan we de brug over naar de wijk Punda. we lopen wat rond en nemen af en toe wat te drinken op een terrasje. Het blijft een raar gevoel, in een caribisch land gewoon in het nederlands aangesproken te worden. Al het drinken wordt in plastic bekers gedronken. Dit is op straat dan ook te zien, want overal ligt het afval. Een geul die gegraven is om leidingen te leggen wordt door de wind al snel volgeblazen met plastic troep en zo verdwijnt een deel van het afval onder de grond.
drijvende markt We lopen langs de drijvende markt, waar Venezolanen hun waren direct vanuit de boot verkopen. Als zonwering hebben ze paarse, roze en blauwe lappen opgehangen. Het is een prachtig gezicht met die wapperende wind en de deinende boten. Boven de stad torend een hoog gebouw met een trotse van der Valk toucan. Als hollanders moet je dat natuurlijk van dichterbij bekijken. Hmmm, best walgelijk, allemaal Sjonny's en Shirley's rond een zwembad aan het bruinbakken. Het uitzicht over zee is prachtig maar aangzien je daarvoor eerst moet opstaan zijn wij de enigen die daarvan kunnen genieten. We hebben om 18:30 met Marika afgesproken aan de andere kant van de brug (Otrabanda). We steken de pondjesbrug weer over en lopen de wijk in. Wat je noemt de andere kant van het eiland. Oude, wat vervallen gebouwen, mensen zittend op de stoep van een soort geel saloongebouw met blauwe klapdeurtjes. Prachtige oude vrachtwagens en nauwelijks blanken.
's Avonds is het helaas niet veilig in deze wijk, er leven veel drugsverslaafden. We eten wat in een soort drinklokaal, maar het nederlands wordt niet goed verstaan en we krijgen dan ook samen één maaltijd met twee vorken (ze zullen wel denken; echte zuinige hollanders). We gaan naar de Rum Runners, waar we Marika en Louise ontmoeten. Het terras kijkt uit over Anna Baai waar grote cruise-schepen doorvaren. Voordat Marika er is vermaken we ons met een papegaai die halsbrekende toeren uithaalt in de deuropening.

We kletsen gezellig over het wonen en werken op Curaçao en drinken een fruitpunch. Omdat ze in de mijne een kers waren vergeten krijg ik er nòg een van het huis - met twee kersen. Julie heeft hier een bijbaantje en het is een leuke tent. Louise merkt plots dat ze haar autosleutels in de auto heeft laten zitten. We lopen gauw met haar mee naar de parkeerplaats waar een antiliaan auto's staat te wassen. Hij wil wel helpen de auto open te krijgen. De eerste poging mislukt maar een meer ervaren type trekt het slot met een verbogen kleerhanger open. Marika brengt ons naar huis en we ploffen bekaf in bed.


Dag 4 | Curaçao, 7 juli

Ik moet vroeg op. Marika brengt me naar de pontjesbrug waar ik om 9 uur heb afgesproken met Herman Verboon van het Grafies Ontwerpburo. Het blijkt een zeefdrukkerij en hij is vooral geïnteresseerd in mijn technische kwaliteiten. Dat blijkt allemaal wel goed te zitten maar hij kan me geen aantrekkelijk salaris bieden omdat het bedrijfje zo klein is en de winstmarges smal. Daarom stelt hij voor het ontwerpdeel in een aparte nv te stoppen waar ik dan halve dagen voor de drukkerij en andere tijd voor eigen opdrachtgevers zou kunnen werken. Maar hij realiseerd zich ook wel dat het geen vetpot zal zijn omdat er op Curaçao slecht voor ontwerpen wordt betaald. Het begint buiten echt tropisch te regenen. Herman is zo aardig me naar Carribian Car Rental te brengen waar ik een autotje op kan pikken.
Het is een Subaru - die hebben we thuis ook! Maar het geeft een enorme vrijheid want hier op het eiland is het openbaar vervoer ondoorzichtig geregeld. Paulien en Ingelise blijken de ochtend aan het dweilen te hebben besteed en het huisje glimt je tegemoet.
Door de regen is alles zowiezo flink opgefrist.
We kijken in de tuin nog naar wat vogeltjes en besluiten een tochtje te gaan rijden. We tuffen naar Westpunt door een Afrikaans aandoent landschap. De wegen zijn nu nog nat dus niet zo stoffig en de bomen zijn prachtig groen. Vooral het stuk door het Christoffelpark is prachtig. Op het meest westelijke puntje van het eiland drinken we wat. Het gonst er van de Suikerdiefjes. De kleine vogeltjes komen op schoteljes suiker af. Het is een druk gekwetter.
beukende zee op Boca Tablo Alta We vervolgen de tocht naar Boca Tablo Alta waar de zee tegen de noordkust van het eiland opbeukt en grote fonteinen zeewater omhoog spuwt. Er is een grot waar je in kan klimmen. Je ziet er de golven met veel geraas binnenkomen rollen en aan je voeten tot rust komen. Het landschap is heel vreemd. Vulkanische steen lijkt het wel.
We rijden door een afvalbelt over een stofweggetje naar het uiterste westen. Ook hier uitgesleten rotsen en een beukende zee. Een roofvogel zit met één poot op een hoge cactus. Hij heeft een gevlekte borst en een donker haarstukje op z'n kop. De snavel is lichtgroen/blauw met geel aan de basis. Prachtig! Het is een Caracara. Is hier misschien wel zoiets ordinairs als bij ons een kraai?

beukende zee op Boca Tablo Alta

We moeten ons nu haasten om op tijd bij Jan en Mary te zijn en eten dus even snel bij MacDoxxxx, erg hè? Jan en Mary wonen in een prachtig groot open huis en leggen in geuren en kleuren uit hoe ze er aan zijn gekomen. Deze ex-buren van Paulien hebben al heel wat van de wereld gezien. Jan werkt nu hier voor een internationale bank en heeft voor mij bij Dovale geinformeerd, een groot lokaal reclamebureau. Attent van hem, maar ik had er op eigen houtje al een afspraak kunnen maken. Paulien wordt later op de avond nog gebeld maar ze krijgt telefoonnummers door die ze al gebeld had. We hebben kennelijk ons huiswerk goed gedaan. Jan en Mary zijn erg gezellig en vertellen allerlei sappige reisverhalen.
We gaan om 23 uur naar huis want ik moet weer vroeg op. We zijn trouwens moe van alle indrukken en het tropische klimaat.


Dag 5 | Curaçao, 8 juli

Vandaag weer vroeg op want Erik moet bij Ad Horves zijn. Ook daar zijn ze onder de indruk van zijn werk maar geven gelijk aan dat zo'n kwaliteit op dit eilnad niet gemaakt wordt aangezien de bedrijfjes te klein zijn en de kostbare apparatuur voor goed drukwerk niet aanwezig is. Mary en Jan hadden ook al verteld dat drukwerk vaak vanuit Venezuela in koffers het land binnenkomt. Kennelijk wel illegaal, maar goed van kwaliteit. Het sollicitatiegesprek was kort want anderhalf uur later is Erik weer thuis. We gaan na het eten naar Blauwbaai. Dit lijkt wel een Blue Lagoon in aanleg! De zee is prachtig helder en blauw. Tijdens het snorkelen zien we mooie papagaaivissen en een blauw visje met fel blauwe stippen, anemonen in de vorm van denneboompjes enz. Prachtig. Het water is zo zout dat je na het opdrogen in de zon een zoutlaagje op je lichaam krijgt.
Alles kost hier meer energie door de warmte. We gaan na 2 uur via de Cash and Carry terug naar huis. Erik gaat als voorbereiding op zijn volgende gesprek een uurtje pitten.

Ik moet om 17 uur bij Kode Advertising zijn. Paulien brengt me even. Een onmisbare luxe hier, die auto! Het bureau zit in een klein pandje en bijna iedereen is al naar huis. Irving van Kimenaede is een antiliaan en hij hoort glimlachend mijn verhaal aan. Hij krijgt elke maand zeker 5 brieven uit Nederland zegt hij. Hij is onder de indruk van mijn werk en heeft een vacature! Het salaris is echter een stuk lager als in nederland en over een verhuisvergoeding valt niet te praten... Hij vind het jammer dat ik mijn werk niet aan de anderen kan laten zien, dus ik bied aan de volgende dag terug te komen.

Paulien kijkt uit over baaiWe rijden naar Otrabanda waar een rondleiding met gids gegeven wordt. De groep blijkt al een half uur weg dus drinken we wat op het binnenplaatsje van Rum Runners Club. De ara loopt nu vrij rond, alle tafeltjes afschuimend op zoek naar iets eetbaars. We besluiten hier ook maar wat te eten en gaan aan het water zitten. Je hebt hier een prachtig uitzicht over de pontjesbrug en Punda. We eten voortreffelijk (gegrilde gamba's met cocos en mangochutney en mixed seafood voor mij en een steak met watermeloen voor Paulien). We gaan nu echt vroeg naar bed na nog even aan zee een peukje te hebben gerookt.


Dag 6 | Curaçao, 9 juli

Ik moet om 8 uur al bij Dovale zijn en wordt ontvangen door de heer Schenker in een gezellig rommelig kantoor. Er is een bevallige dame bij die op dezelfde functie heeft gesolliciteerd als ik en zo te zien met meer succes. Men had 150 brieven ontvangen... Hij heeft nu een vacature voor een werktekenaar kranteadvertenties maar ze zien wel dat ik daarvoor overgekwalificeerd ben. Ik krijg het beste aanbod tot nu toe maar nog niet fantastisch. Ticket voor heenreis, 500 gulden verhuiskosten en 2000 gulden schoon per maand, uit te bouwen naar 2500. Een contract voor 2 jaar. Ik krijg een rondleiding en het ziet er erg leuk uit allemaal. Morgen moet ik terugbellen over m'n kansen.
Ik rijd op de terugweg nog even langs Kode, maar daar is niemand om mijn werk aan te laten zien. Paulien en ik krijgen thuis de discussie of dit eiland het verhuizen waard is. Haar telefoontjes hebben tot nu toe niks opgeleverd. Er zou officieel maar één van ons mogen werken om de lokale bevolking niet teveel achter te stellen.

vervallen bioscoop WillemstadWe gaan even geld halen en zoeken Herm op, die helaas niet thuis is. Paulien laat een briefje achter en we vertrekken naar de Caracasbaai. Het landschap wordt vervuild door oliepijpen en tankers maar de baai zelf is prachtig blauw. Fort Beekenburg mogen we niet bezoeken dus zoeken we de Jan Thielbaai op. Minder exotisch naam maar dezelfde zee.
Het is knap warm en ook al zit je in de schaduw verbrand je levend. Na een kwartiertje en een pasteitje zitten we met rooie koppen te kijken. Moven dus. Naar huis om wat te schrijven en te lezen. Om half vier moet ik weer naar Kode.

Daar zijn de art-directors weer zeer onder de indruk en verzuchten 'als we dat toch hier mochten maken..'. Het is een bliksembezoek dus ben ik op tijd terug om met Ingelise te gaan koken. We eten gezellig met z'n vieren, Marika komt nog langs om wat spullen bij elkaar te graaien. Het wordt een maaltijd van Sweet and sour chicken, dille-boontjes salade, kikkererwten met kaas. ¡Muy rico!
's Avonds gaan we weer bij Mary en Jan verslag doen van onze ervaringen. Een heel gezellige avond met een beetje wrange gevoelens omdat het allemaal niet uitpakt zoals we hadden gehoopt. De salarissen liggen hier gewoon te laag om er ook een leuke tijd van te maken. De huren en kosten van levensonderhoud zijn net zo hoog als in nederland. Sparen voor tripjes naar midden-amerika zit er niet in.

Terug gekomen bel ik m'n moeder nog even, er vanuit gaande dat het daar 5 uur in de middag is. Maar een vermoeide 'Hallo..' wijst er op dat ik een rekenfoutje heb gemaakt. Het is 5 uur 's morgens. Maar goed, het gaat om het idee toch?


Dag 7 | Curaçao, 10 juli

parkieten in de cactussenHet Christoffelpark gaat pas om 8 uur open en dat komt ons eigelijk wel goed uit. Met een wat zwaar humeur stappen we uit de klamboe. We tuffen naar het park dat aan de andere kant van het eiland ligt.
We kunnen met de auto naar de voet van de berg maar dat is onze eer te na. We besluiten te lopen. Het is toch maar 1,5 uur (volgens de parkwachter). Bij de eerste groep papagaaien geeft mijn camera weer de geest. Ik kan 'm niet eens meer uitzetten! Enkele vloeken later loop ik met Pauliens camera om mijn nek. Toch wat bezwaard. Het eerste deel loopt door een droge rivierbedding naar de voet van de berg. Door de regen van een paar dagen geleden staan de bloemknoppen op springen. De minosa staat in bloei en ruikt heerlijk. Papagaaien vliegen krijsend van cactus naar cactus. Ook de Caracara's (hier noemen ze ze Warawara's?) zien we weer. We beginnen langzaam te klimmen en het wordt al aardig warm. We moeten af en toe pauzeren want we klimmen aan de luwzijde van de berg omhoog dus een verkoelend windje blijft uit. Met rooie koppem ploeteren we omhoog. Voor ons uit schieten Anolis-hagedisjes die, om hun terretorium te verdedigen, hun felgekleurde keelzak als een roltong naar ons uitsteken. Paulien zit een klein diertje oversteken. Het zou een klein hertje geweest kunnen zijn, dat zijn de enige zoogdieren die hier nog voorkomen.

anolisWe klimmen stevig door en moeten het laatste stuk over steile rotsen klauteren. Maar het prachtig weidse uitzicht over het eiland is onze beloning. Het waait hierboven stevig. We waaien er bijna af! We drinken wat, vergeten aan Ronald te denken en beginnen weer aan de afdaling. Die gaat een stuk makkelijker maar toch met trillende knieën. Onderweg komen we onze eerste kolibri rondfladderen. Heel donkerblauw en heel klein.
We pakken de auto en rijden richting Flamingo Area. We rijden eerst harstikke verkeerd naar een afgelegen strandje maar weer in de richting van Willemstad komen we langs de zoutpannen Jan Kok. En ja, daar in de verte zien we een roze streep aan de zinderende horizon. Met de verrekijker kun je zo'n twintig flamingo's zien. Thuisgekomen gaat Paulien een tukje doen en bel ik Dovale nog even terug. Die willen we me nog wel een keer spreken. Dus zoef ik weer naar het centrum. Onmisbaar autotje.
Het is een leuk en ontspannen gesprek. Er is nog één kandidaat die andere kwaliteiten heeft, maar ze zullen nog een brief sturen. Weer thuis is Paulien wakker. We gaan met Ingelize en Dennis (haar antiliaanse vriend) gaan eten bij de Zoete Inval. Daar is het gezellig druk en er wordt door 1 man driftig live-music gemaakt. We gaan zo ver mogelijk bij hem vandaan zitten want zijn muziek is niet zo ons ding. Het eten is best aardig, voor een bar. We kletsen wat met Dennis over het verschil tussen Nederland en de Antillen en over het wonen op Curaçao. Ze nodigen ons uit mee te gaan naar Brievengat waar een salsa-feest is. Maar ik ben helemaal afgedraaid. Het wordt morgen ook weer een lange dag en ik ben blij als ik om 11 uur weer in bed kan stappen.


Dag 8 | Curaçao, 11 juli

Zoals gezegd staan we vroeg op, kwart over zes. We controleren of we alles bij ons hebben. Ik heb mijn nette kleren en dia-portfolio aan Marika meegegeven. Weet ik tenmiste zeker dat het goed terug komt. Toch lijkt het alsof we nog iets vergeten maar ik weet niet wat. Paulien blijft met de bagage op het vliegveld terwijl ik de auto naar het nabij gelegen Holland Hotel breng.
Paulien heeft de bagage al ingecheckt maar moest nog airporttax betalen. De baliemedewerker keek heel vreemd naar haar ticket en begreep niets van ons vliegschema.
We vertrekken gelukkig maar 20 min. te laat. ALM staat hier voor Altijd Laat Maatschappij.
Op Aruba maken we een transit en moeten we door de Amerikaanse emigratie. Ingewikkelde formulieren moeten ingevuld. Maar dan vertrekken we ook hier op tijd.

San JoséDe vlucht duurt 2,5 uur. Wanneer we het vliegveld van San Jose binnenkomen staat alle bagage inmiddels ergens in een hoek op de grond. Gelukkig zijn onze rugzakken erbij. We worden direct aangesproken door een fransman met een kegel die ons naar zijn hotel La Vie wil loodsen voor 25 dollar pp. We bedanken maar hij wil wel een dollar wisselen voor Colones om de bus te betalen. We hebben geluk, de bus komt binnen enkele minuten. Hij zit vol maar gelukkig staat men hier nog op voor dames - zoals ik. Erik moest met z'n twee rugzakken in het gangpad blijven staan. We stappen uit bij de Coca Cola stop waar we gelijk hulp krijgen van een jongen die ons een goedkoop kan wijzen. 30 dollar per nacht. Dat was niet ons plan en we besluiten met de Lonly Planet in de hand zelf op zoek te gaan. Hotel Asia voor ¢ 800 (2,40 gulden) lijkt een redelijke keus. Wat sleetse kamertjes zonder airco met houten muurbekleding, maar ach. We hebben flinke dorst en gaan wat drinken in een barretje. Die lange Erik heeft hier veel bekijks en praat al aardig Spaans. Toen ik bijna van mij kruk viel zijn we naar ons 'hotel' terug gegaan. Na een warme douche val ik als een os in slaap.


Dag 9 | Costa Rica - San José, 12 juli

dierentuin San JoséOm 6 uur worden we wakker maar we draaien ons snel nog eens om. Om ± 8 uur gaan we op pad naar de dierentuin en de kunstmarkt. Het plein waar die markt moest zijn wordt gebruikt als finish voor een marathon op wielen. De dierentuin is net een kermis. Voor de ingang worden allerlei opblaasbeesten verkocht. In de dierentuin zelf zitten de dieren in diepe ronde betonnen bakken. De 'Tico's', die vandaag hun vrije zondag vieren, voeren de beesten snoep. Wij proberen ons te vermaken met de volieres met tropische vogels. We hebben het al snel gezien en gaan kijken of de kunstmarkt te vinden is. Op een plein worden Tshirts, fluitjes, houten beelden en veel mooi geweven kelden verkocht. We gaan midden op de markt een koffie drinken. Er speelt een soort Mexicaanse orkestje. Ja, hier krijgen we het Latijns Amerikaanse gevoel van. Bruno knoopt een praatje met ons aan. Hij is hier vaker voor zijn werk geweest en gaat nu met zijn costaricaanse vriendin rondreizen. Hij kan ons helaas geen lift naar de Poas geven. Misschien volgende week. Van hem krijgen we een adres waar je lekker kunt eten.
Het is te lopen naar La Cosina de Leña. Het ligt in een prachtig hofje met huisjes. Ik eet kip met een heerlijke saus en Erik neemt ook iets heel lekkers met een apart cocosgebakje toe. De koffie is hier helaas niet te drinken (vreemd, we hadden anders verwacht).
Terug in het hotel krijgen we door waarom het zo goedkoop is. Een meisje van 13(?) in rose kanten barbie-kleertjes komt de trap op. Haar metgezel overlegt wat met deigenaar en ze verdwijnen in kamer 2. Wij slapen in 3. Zo wordt zowel kamer 2 als 4 enkele keren verhuurd vanavond en aan de geluiden te horen, flink gebruikt. Echt goed slapen heb ik niet. Ik wil hier weg! Weg uit de stad, naar het groen.


Dag 10 | San José, 13 juli

HOERA! Erik 28 jaar!
Om 6 uur zing ik lang zal hij leven maar daarna draaien we ons nog even om. We ontbijten net als gisteren in een amerikaanse cowboybar en gaan dan via informatiecentrum - boekhandel -naar informatiescentrum voor de parken. Helaas gesloten tot en met 17 juli. Ik wil graag naar Manuel Antonio park en om 12 uur vertrekt er een bus. We gaan terug naar het hotel om de spullen te pakken en willen een taxi nemen naar de Coca Cola bushalte. Helaas staat het verkeer vast. Blauwe walmen hangen over het blinkende blik. Lopen gaat waarschijnlijk sneller. Na 15 min. lopen we door een chaos van bussen. De bus van 12 uur zit vol, we kunnen nog kaartjes kopen voor de bus van 16 of 18 uur. Vooruit, die van 16 uur dan maar. Als snel ontdekken we dat deze bus er 5 uur over gaat doen om in Manuel Antonio te komen! Een vasthoudende taxichauffeur wil ons wel voor 25 dollar brengen. Very cheap. Bussen no good.
We gaan samen met 2 amerikanen uit San Fransico, 20 dollar p.p. Het is een rit van 4 uur, berg op en af. En maar bochten draaien, terwijl de teller 80 km/u blijft aangeven. De amerikanen vragen honderduit. Hoe we denken over abortus, sex voor het huwlijk, homosexualiteit, wat al niet. Onderweg stoppen we voor een paar krokodillen onder de brug. De natuur is prwchtig fris groen. Met regen komen we in Manuel Antonio aan.

Manuel AntonioDe taxichauffeur gaat voor ons wat onderhandelen in hotelletjes maar het blijft allemaal te duur. We zoeken zelf wel wat. Via de LP gids komen we uit bij Cabinas Manuel Antonio. Kleine huisjes aan het strand, mèt fan. ¢ 2600 (22 gulden) per nacht. Voor hier is at het goedkoopst. We gaan meteen op het waranda'tje zitten en kijken ademloos over zee waar de pelikanen in zee duiken. In een klein strandtentje gaan we wat eten. Paulien smult van een bord rijst met garnalen, ik met een soort vlees. Is minder. Op de terugweg door het donker horen we kikkertjes in een ondergelopen grasveldje maar na uren zoeken vinden we er geen een.


Dag 11 | Manuel Antonio, 14 juli

Ik voel me al een stuk ouder, maar toch staan we vroeg op. Om het park in te kunnen moet je eerst door het water waden. Op een boomstam ligt een leguaan te maffen. Om ons heen vliegen kleine zwarte reigers rond en in een hoge boom zit een ibis. Kortom we zijn het park nog niet in of we kijken onze ogen al uit.

We lopen zoals gewoonlijk een paar uur waar ieder ander waarschijnlijk aan 15 min. genoeg zou hebben. Omdat ons tempo laag ligt met weinig lawaai zien we steeds 20 meter voor ons paars met rode krabben in hun holletje verdwijnen. De eerste frustratie voor Erik, want ze zijn niet te fotograferen. Ik probeer het met een gestrekte arm en hoop dat de camera de rest van het werk doet. Ik zie een grote vogel in een boom landen en wijs stilletjes Erik aan waar. Hij kijkt naar boven maar ziet daardoor een andere vogel, een toecan. Het slimme beest vliegt nauwelijks maar probeert over de takken lopend steeds uit ons zicht te blijven. Toch is hij prachtig en het bekijken waard.
beach at manuel antonioHet pad waar we over lopen is de route naar de beach. Zodra er dus iets te zien is en wij naar boven kijken staat er gelijk een groepje mensen achter ons mee te kijken. daardoor onstaat er even later een opstopping. Er zijn aapjes gesignaleerd, kleine meneer Nielsson aapjes van Pipi Langkous. En aapjes kijken blijft leuk.
We komen aan op het strand en drinken er een Sprite op. Via een alternatieve route proberen we terug te komen. Weer grote krabben en aapjes. De aapjes jagen een enorme sprinkhaan op, wel 10 cm. lang met rode vleugels. Maar het pad blijkt afgelsoten, dus nemen we dezelfde weg terug richting het restaurant. Erik wil niet steeds bij hetzelfde restaurant ontbijten dus gaan we bij de buurman langs. We worden geholpen door een brommende ober met eem macho glimmende zonnebril op. Erik eet een spaanse omelet (ei, veel aardappel, wat spek en veel uien) en ik krijg een halfgaar eitje met spek en karton (2 dagen oud brood). Het ei stuur ik terug. Ik heb de pijp leeg en ga een dutje doen. Erik heeft geen geduld en wil het bos weer in.

In het mangrovebosje naast de cabinas zie ik een ijvogel in het water duiken. Het is vloed, dus water en vis stromen de lagune in. Het is een enorm grote ijsvogel met een witte band. Maar hij laat zich niet fotograferen. Hij vliegt weg. Maar er komt een ander voor ind e plaats die kleiner is en een groene glans over zijn verenkleed heeft. Deze laat zich makkelijker benaderen. Al lopend jaag ik een baselisk op die verschrikt een meter over het water rent. Daarom wordt ie ook de Jesus Christ lizard genoemd. ik loop het park nu iets sneller door en sla een pad in dat dood loopt. Een colonne mieren met groene blaadjes op hun hoofd steken de weg over. Als ik de stoet terug volg naar de boom die ze aan het slopen zijn schiet er een slang het kreupelhout in. Effe schrikken!
paarse krabben Het is een mooie route met bloeiende Heliconia's en Lantana's vol vlinders die nooit stil zitten. Aan het eind van het pad zie ik een enorme vlinder wapperen. Hij heeft 2 grote ogen op zijn vleugels en iets 'weerschijn'. Hij is zeker 20 cm. breed.
Terug in de cabina's is Paulien weer fris. Ik heb een cocosnoot met een rietje meegenomen waar we gezamelijk uit drinken. Nu is het mijn beurt om even te gaan liggen.
lekker drinken uit een cocosnoot 's Avonds gaan we toch maar weer in het vertrouwde tentje eten. Rijst met garnalen, mmmh. Na het eten gaan we nog even de mangrove van de laguna in. Er zit een reiger op een tak die zich nu gemakkelijk laat benaderen. Met de verrekijker en de zaklamp speuren we de bomen en de vloedlijn af. Een katachtige zit iets te eten. Hoe spannend ook, het is te ver om meer te zien dan zijn felgele reflecterende ogen. We maffen onder onze klamboe. Die komt hier goed van pas.


Dag 12 | Manuel Antonio, 15 juli

tropische spechtWe willen vroeg op, de wekker gaat om half 6. Maar onze bodies willen niet. Dus wordt het half 7. Na een snelle koude douche van Paulien (ik durf niet) gaan we het park weer in, via het mangrovebos. De grote ijsvogels zitten er weer. In het park lopen we nu làngs alle oranje krabbetjes tot we bij een groepje mensen komen die naar een grote specht staan te kijken. Een mooi tropisch exemplaar met een enorme rode kuif. Zoals die rare stripheld. Hij is onverstoorbaar aan het werk en ik kan hem tot wel 4 meter naderen om foto's te maken. Zijn rode kuif lijkt wel licht te geven. Heeeel mooi.

Na wat gedronken te hebben aan de beach lopen we het pad omhoog naar de 'Mirador' - uitzichtpunt. Het uitzicht is er. Adembenemend op een turkooizen oceaan met een schiereiland vol bos. Golven beuken met witte schuimkoppen tegen de rotsen. Er zijn ook veel mooie vlinders maar weer niks wil stilzitten. We lopen dezelfde weg terug, nu via de 'doodlopende' weg en klimmen over het hek. Paulien is doodop. 'Als er nu nog een vlinder stil gaat zitten stamp ik hem de grond in!'. We eten weer wat in het vertrouwde strandtentje. De bediening verstaat haar bestelling verkeerd (de eerste in het Spaans) en krijgt dus visfilet in plaats van friet. Geen slechte vergissing. Ik heb een heerlijke garnalencocktail met uien en veel citroen. We drinken er steeds fantastische milkshakes bij "papaya con leche" of "banana con leche". Het is wel doordrinken want door de hitte begint het spul spontaan te schiften. Nu is het mijn beurt voor een middagdutje terwijl Paulien haar boek uitleest. Na het dutje gaan we maar weer wat eten. Wat een leven.

uitzicht vanaf de mirador


Dag 13 | Manuel Antonio, 16 juli

De bus naar San José vertrekt om 5 uur dus staan we zo'n beetje midden in de nacht op. We worden achtervolgd door een man met zaklamp die wil controleren of we hebben betaald. Gelukkig staan we niet op zijn lijstje want we hebben geen enkel bewijs dat we wel hebben betaald. De bus van 5 uur blijkt om dat tijdstip vanuit Quepos te vertrekken. Ik had het de hoteleigenaar gisteren nog wel drie keer gevraagd, maar ja.... Dus ontbijten we met alleen hete thee in het strandtentje. Er loopt iemand te vegen die ons 'Holland, Holland, Beatrix' loopt toe te zingen nadat hij heeft gevraagd waar we vandaan komen. Want over voetbal kun je het met ons niet hebben ook al is de sympathie voor het nederlandse elftal hier groot.
carara parkWe springen op de bus en laten ons afzetten bij Carara Biological Reserve. Een vrij jong park nog, even van de hoofdweg af. Bij het administratiegebouw kunnen we onze bagage achterlaten. De route bij het gebouw is erg klein, een uurtje lopen in ons tempo. Maar toch heel mooi omdat hier grotere bomen staan dan in Manuel Antonio. Dit oerwoud is gelegen in de zone tussen het vochtige laagland en het drogere, noordelijker gelegen oerwoud. Paulien ziet een 'Anteater' een soort neusbeer uit een boom klimmen.
Er is nog een langer pad verderop de grote weg, dus lopen we even later over het asfalt, met de zoevende auto's naast ons. We willen immers de grote ara's die hier voorkomen graag zien. Tot onze verbazing vliegen er gewon twee krijsend over ons heen, richting het administratiegebouw. Een prachtig gezicht van die bontgekleurde grote vogels met de lange staarten wapperend achter zich aan. Ze zouden bij het administratiegebouw neergestreken kunnen zijn omdat daar fruitboemen staan. Dus lopen we de 500 meter die we inmiddels onderweg waren weer terug. Maar geen ara te zien of horen. Gelukkig krijgen we een lift van 4 rangers in een open truck aaneboden naar het andere deel van het park. We gaan tussen de geweren achterin de open bak zitten. Laat het nou nèt gaan regenen... Met de regen striemend in het gezicht scheuren we over de weg. Gelukkig is het maar 2 km. Als we aankomen is het al weer droog. We lopen het brede pad op en horen en zien vrijwel direct nog 2 ara's overvliegen.

ara's vliegen over!Even verderop hangt een enorme Uilvlinder in een liaan, ons aankijkend met z'n enorme oog op de vleugels. Achter ons loopt een amerikaanse tour-guide die we wijzen waar het beestje zit. Langs het pad staan enorme bomen behangen met lianen en epifyten. Bromelia's en varens zien we hier niet zo veel. Wel gatenplanten die tegen de bomen omhoog klauteren.
Na een tijdje zien we een boom met drie ara's er in, heel hoog. Ze zitten elkaar te vlooien. Er komen er nog vijf bij. De groep amerikanen achter ons zien ze ook en we mogen even meekijken door de telescoop van de gids die 30x vergroot. Schitterend gezicht van zo dichtbij. Net Artis. In de buurt zit nog een Scquirrel Coucal te koekeloeren, een mooi zacht gekleurde vogel met geblokte staart. We lopen verder en zien mooie vlinders die nog steeds niet stil willen zitten. Het oerwoud gaat over naar wat meer secundair oerwoud met Cecropia's en stukken grasland. In een brede boom hippen een soort toecans. Het zijn Fierybilled Aracari's. Paulien krijgt last van het staren in de felle lucht en ik reageer kribbig als ze de vogels niet gezien heeft. We leggen het bij in een pauze en een lunch van cakejes en lauwe Sprite.
Verderop zitten kolibri's stil, die we dus goed kunnen bekijken. Ze zijn alleen erg moeilijk te vinden in het dikke vogelboek dat we met ons meesjouwen. Er zijn zoveel soorten! Er dwarrelt een vers accaciablad op het pad. We kijken omhoog en daar zitten weer drie ara's in de boom! Paulien ziet ook een kleinere groene papagaai die onhandig probeert naar boven te klimmen. Het is waarschijnlijk een jonge geel-hoofd Amazone.

Ze schrikt zich vervolgens rot van een zwarte gier die eerst op haar afkomt en dan op een stammetje vlakbij gaat zitten. Dan scheert hij over mij heen en vliegt verder. Het begint te regenen dus lopen we maar terug. Het kruis op het pad dat de amerikaanse gids voor ons heeft neergelegd om een luiaard aan te duiden heeft geen nut meer, het beest is niet meer te vinden. We krijgen weer een lift terug naar het administratiegebouw waar we even uitpuffen van alle indrukken.

Nu moeten we lopend naar Playa Tárcoles waar overnachtingsmogelijkheden zijn. Het is volgens de parkwachter twee kilometer maar volgens ons zeker drie. We lopen een typisch dorpje binnen met houten huizen en obscure barretjes. Iedereen kijkt ons vreemd aan, er komen zeker niet veel toeristen. Het ligt ook nogal afgelegen.
paulien op het balkon In een winkeltje vragen we naar de Cabinas en een behoorlijk dikke vrouw neemt ons mee naar de overkant van de straat waar een blauwgeverfd huis dienst doet als kamerverhuurbedrijf. De kamer ruikt zwaar naar motteballen maar ziet er schoon uit en er is een fan... We nemen 'm voor ¢ 1000 (8 gulden). De dikke dame begint meteen ons pad te harken en alle gevallen mango's in de wei te vegen. Ik vraag om twee stoelen die meteen worden gehaald. Wel een service hoor.
strand van Tarcoles We lopen naar het strand dat zwart, vulkanisch zand heeft en vol ligt met aangespoeld hout. Er hangt een mysterieuze mist over de baai. De lucht kleurt roze van de ondergaande zon. We eten in een sjieker hotelletje (met zwembad). Paulien besteld een 'taco' in de veronderstelling zo'n mexicaans broodje te krijgen. Maar het wordt gewoon een bord draadjesvlees met friet. Dit is volgens de ober een 'costaricaanse taco'. Mijn visfilet is echt heerlijk, met knoflook gebakken. De salade is te heet gekruid om maar aan te raken. De muskieten jagen ons het bed in.


Dag 14 | Playa Tárcoles, 17 juli

De berichten over vertrektijden van de bus naar Puntarenas waren wat tegenstrijdig dus zijn we voor de zekerheid maar op de vroegst genoemde tijd (6:40 uur) bij de weg gaan staan. We krijgen een lift aangeboden maar niet tot Puntarenas dus wachten we op de directe bus. Als die er om 7 uur nog niet is gaan we twijfelen. Er komt een klein busje aan maar die gaat maar tot aan Orotina. Volgens de chauffeur is er geen directe verbinding met P. We stappen dus maar in. Even later worden we ingehaald door de snelbus naar Puntarenas...
fregatvogel In Orotina aangekomen stappen we op de bus van 8 uur naar P. De omweg is eigenlijk best leuk, we rijden door het achterland met mooie huisjes en tuinen. Het ziet er allemaal erg verzorgt uit. Ook de mensen zijn keurig gekleed. Misschien omdat het feest van 'La Santa Virgin de la Mar' is? Zoals later in P. blijkt want alle banken zijn dicht.
Puntarenas is eigenlijk een heel smalle plaats, gelegen op een schiereiland van 6 km. lang en 500 m. breed. Er zijn dus (naar amerikaans model) wel 60 calles (straten) maar maar 4 avenida's (lanen). We drinken wat en lopen over een overdekte markt. Op de kade erachter gooit iemand een teil visafval in het water. Tientallen pelikanen en fregatvogels duiken er op af. Een prachtig gezicht. Een soort meeuwen-gevecht maar dan met vogels 10 keer zo groot. we doden de tijd op de 'Toeristen Boulevard' waar nu, in het natte seizoen niets te doen is. We gebruiken deze tussenstop alleen maar om op de bus naar Monteverde Park te komen. De bus naar Santa Elena vertrekt om 14:15 uur.
De bussen zijn hier prachtig opzichtig beschilderd, zo ook die van ons. Er wordt in de bus luidruchtig met popcorn en taco chips gevent. Hij scheurt op tijd weg met veel claxon kabaal. De chauffeur heeft er flink de vaart in. Plots moet de bus uitwijken voor een tegenligger die op de verkeerde weghelft rijd. We worden van links naar rechts geslingerd, er wordt gegild. We komen met de schrik vrij. Sommige passagiers slaan nog maar eens een kruisje. Het Jezus-portret voorin de bus kijkt onderstoord de ander kant op.

bus met panneHet duurt nog zo'n kleine drie uur voor we bij de 'slechte' weg richting Santa Elena komen. Er stappen nog meer mensen in de bus, die moeten staan. Met een volgepropte bus hobbelen we over de onverharde zandweg, waar door de regens grote geulen in zijn geslepen. Halverwege horen we een gerammel onder onze voeten, en ja hoor, er is een verbindig van een as gebroken. de jonge chauffeur klautert onder bus en haalt de hele as er uit! Met vereende krachten wordt geprobeert de verbinding te repareren. Er komen drie ruiters te paard met een onderdeel aan, maar het schijnt nog niet goed te passen. De conducteur lift met een jeep naar Santa Elena om een andere bus te halen. Maar na anderhalf uur sleutelen schijnt het euvel verholpen te zijn. Gerepareerd met een muntstuk van ¢ 20?
Het is inmiddels donker geworden en we rijden voorzichtig verder. Met luid getoeter komt even later een lege bus ons tegemoet. Het is kennlijk niet nodig over te stappen dus rijden we langzaam verder. Om acht uur komen we doodop in het plaatsje aan.
Paulien en Louigi in de woonkamerWe worden opgevangen door een aantal mensen die ons hun hotel aanbieden maar het meeste vinden we te duur.Er is een jongen die voor ¢ 500 p.p. een kmaer heeft en een amerikaans meisje zegt dat het goed moet zijn. Dus lopen we mee en worden even later in een soort woonkamer met een twintigtal jonge mensen ontvangen. Het ziet er heel gezellig uit.
Louigi laat ons de keuken zien waar we onze gang kunnen gaan. Barbera, het amerikaanse meisje start meteen met koken, maar wij zijn bekaf en nemen een sandwich met thee.Barbera is ook grafisch ontwerper en heeft ontslag genomen om te gaan reizen of in het buitenland te gaan werken. Louigi heeft een film op video gezet over Costa Rica waar we tot half 11 naar kijken.


Dag 15 | Monteverde, 18 juli

De nacht is veel frisser geweest dan we gewend zijn. Om half 8 ontbijten we met toast en kaas. Via een fruitzaak met heerlijke banaantjes en komkommer gaan we op weg naar het park. Het is 5 km. lopen naar de ingang. Het miezerd van de laaghangende bewolking. Er staat een busje geparkeerd met de neus richting het park. In de sodabar zit een groepje amerikaanse studenten die we om een lift vragen. Na hun ontbijt kunnen we mee.
De entree van het park is duurder dan wat we gewend zijn: ¢ 1000. Dit park is dan ook privaat gehouden (door Quackers). De informatie is prima en het pad dat we lopen duidelijk aangegeven en met boomschijven geplaveid. Het is een mooie tocht langs zwaar bemoste bomen. Er druipt water uit de boomkruinen die behangen zijn met varen en bloeiende bromelia's. We lopen naar een waterval die uit het groen ontspringt. Vlakbij brullen een paar brulapen maar we kunnen ze in de zwiepende bomen niet zien. Om lunchtijd pauzeren we bij een beekje. Ik volg een mooie vlinder met compleet doorschijnende vleugels en zie iets wegspringen. Het eerste kikkertje, een oranje beestje met zwarte oogjes. Hij vlucht snel tussen de bladeren ik kan er niet nog een foto van maken. Het is waarschijnlijk een Montane Dink Frog (Eleutherodactylus hylaeformis).
We vervolgen het pad dat erg modderig begint te worden. Heeel erg modderig zelfs. We zakken soms tot onze enkel weg, zoekend naar grip. We stijgen en het begint steeds harder te waaien. Toch blijft het bewolkt en flarden van mist waaien om ons heen. als we weer dalen wordt het ook weer stiller. Zo stil dat we het bloed in onze oren kunnen horen stromen. Wel gek hoor. Als we dan toch een geluidje horen is het van een prachtige kolibri op een takje. Hij sis diep paars met een zwart-wit gestreepte staart.

Tot nu toe waren onze schoenen (Palladiums) nog ongeschonden maar vanaf nu worden ze echt gebruikt. De boomschijven zijn verdwenen en we moeten om, over en soms door modderpoelen. Om je heen kijken tijdens het lopen geeft gelijk een glijpartij. Gelukkig komen we er staande doorheen. Er loopt ons iemand tegemoet met... schone bergschoenen. De modder zit er dus op. Bij het hoofdkantoot aangekomen zien we heel veel kolibri's, zeker 8 verschillende soorten. Ze komen op het suikerwater af dat voor ze opgehangen wordt (8 liter per dag). Na een zakje taco's en chips lopen we terug richting Santa Elena. Onderweg is er een prachtig uitzicht over het bewolkte oerwoud. Terwijl ik een foto maak probeert Erik te liften. Met succes! 2 Canadezen nemen ons mee en we scheuren verder met de Jeep. De jongens hadden Monteverde in 2,5 uur gezien en hadden op die manier in 3 weken tijd bijna heel Costa Rica gezien. Net zoals vijf jaar geleden 'Holland in two days'. We worden in het dorpje afgezet en weten even niet meer waar we overnachtten. Een tico vraagt of we uit Holland komen, hij woonde een tijdje in Capelle a/d IJssel en herkende het nederlands van ons. Hij wijst ons waar Louigi woont.
Weer 'thuis', waar al begonnen is met koken. De TV staat heel hard aan, de radio ook en er zitten mensen te praten. Wat een familie.

We eten simpel, rijst met garnalen, maar voedzaam. Na het eten moet het vogelboek bijgewerkt worden. Wat hebben we allemaal gezien? Het boek is eigenlijk te dik om mee het bos in te nemen. We kletsen nog wat met Barbara en gaan naar bed. Het blijft rumoerig in de woonkamer dus Paulien slaapt wat moeilijk in maar ik ben snel vertrokken.


Dag 16 | Monteverde, 19 juli

De regen slaat hard tegen het raam dus draaien we ons nog maar even om. Om zeven uur staan we op en na een lauwe douche ontbijten we wat met zelfgemaakte sandwiches. Wel makkelijk dat je alles zelf kan pakken.
Het is nog niet gestopt met regenen en we overleggen wat te doen. Barbara gaat proberen een shelter te bereiken dus wensen we haar veel succes. Om negen uur gaan we toch maar richting het nieuwe park, El Bosque Lluvioso, dat in de tegenovergestelde richting van Monteverde ligt. Met paraplutjes op. Maar na ruim een kilometer komen we een heuvel over waarachter het slechte weer ons in het gezicht slaat. Dit is geen vakantie meer en we lopen terug. De kans op een lift is erg klein omdat er haast geen auto's passeren. Maar als het halverwege toch een beetje opklaart klimmen we een hekje over naar een stukje bos rond een beekje. Er vliegt een prachtige grote Morphovlinder rond. Het metallic blauw schitterd tussen het groen. Paulien ziet een paar vrolijke vogeltjes en ik nog een paar fladderende vlindertjes. De ochtend ziet er ineens weer heel anders uit. De meegenomen banaantjes smaken heerlijk. Ze zijn hier een stuk kleiner dan in nederland, en donkergeel als je ze doorbijt. Veel smaakvoller.
Na een uurtje lopen we in de zon terug naar Santa Elena. En krijgen zelfs nog een lift tot aan het pension. In de schommelstoelen laten we al lezend ons schoenen drogen in de zon. De wandelkriebels laten ons toch niet met rust. We lopen weer richting Monteverde richting hotel 'El Sapo Dorado' (de gouden pad - die inmiddels waarschijnlijk is uitgestorven). Er staan een aantal mooie huisjes in aanbouw. Iemand heeft vast zijn orchideeënverzameling verhuisd en aan de bomen gebonden. Sommige staan prachtig in bloei. Twee tropische eekhoorns zijn met elkaar aan het stoeien en hoog in de bomen is een troepje papagaaien luiddruchtig aan het fourageren.
In het hotel drinken we een biertje op het terras met uitzicht op het Nicoya-schiereiland en de baai. Op de achtgrond roept de Bellbird: 'Doink!'. Een prachtige witte wouw vertoont vlak voor ons wat vliegcapriolen. Het eten in het pension was gisteren niet geweldig dus lopen we verder naar restaurant 'El Bosque'. Het is een tochtje met mooie vergezichten over het oerwoud. Als Paulien de boomkruinen afscand ziet ze twee prachtige grote toucans. Het kost haar nog moeite mij aan te wijzen waar ze zitten, zo goed zijn ze in het bladerdak verstopt.

Het eten is heerlijk in 'El Bosque'. Met knapperige groenten en lekkere vis. Zelfs de wijn laat me goed smaken. we moeten nu wel door het donker terug lopen en het begint harder te regenen. Gelukkig weerlicht het ook, om ons een beetje bij te lichten. We komen redelijk droog aan in een overvolle woonkamer. Aan de nog halfvolle borden te zien moeten we denk ik blij zijn dat we niet 'thuis' hebben gegeten. We werken het dagboek en het vogelboek bij en gaan om half 10 naar bed.


Dag 17 | Monteverde, 20 juli

Het is vannacht flink tekeer gegaan met onweer. Erik lag in een diepe slaap terwijl ik met mijn brilletje op de straat zag veranderen in een rivier. Van slapen kwam voor mij niet veel. Gelukkig regende het nog om 7 uur toen de wekker afging dus kon ik nog wat slapen. Na het ontbijt onze spullen gepakt (plu teruggevonden) om een nacht in de shelter in het park te overnachten. Het s droog als we op weg gaan en we krijgen al snel een lift. De weg ligt vol met grote stenen en in de diepe geulen stroomt het water nog steeds. De lift brengt ons naar de kaasfabriek die we volgens de chauffeur echt moeten bekijken. Als we vertellen dat we uit Holland komen begrijpt hij dat we waarschijnlijk wel genoeg kaasmakerijen gezien hebben. We zijn inmiddels wel halverwege. Als we de Bellbird weer horen loopt Erik het bos in om hem te zoeken. Na een half uur (en flinke nekkramp) hebben we hem eindelijk gevonden. Het geluid van deze vogel is zo helder en hard dat je moeilijk de richting kan bepalen. Hij zit heel hoog in de bomen en dankzij het weiland waar we in staan kunnen we voldoende afstand nemen om hem te zien. Hij heeft een bruin lijf, een witte kop en 3 slierten aan zijn bek alsof hij 3 wormen half uit de snavel heeft hangen. Maar hij ziet ons ook en draait zich gelijk van ons af zodat we alleen zijn bruine rug met moeite kunnen zien tussen de bruine takken. We hebben hem dan ook niet zien 'bellen'. Na dit avontuur gaan we het bosje weer uit en krijgen meteen een lift van 2 duitsers. Even omschakelen, dat duits.
Bij de hoofdingang helaas minder goed nieuws, er is geen plek meer in de shelter. Balen! We gaan toch het park maar in, met bepakking, waaronder een ananas van 1,5 kilo. Ondanks de regen van vannacht is het pad goed te belopen. Het is al snel weer stil om ons heen. Hoe verder we stijgen hoe mistiger het wordt. In open stukken zie je pas goed dat je door nevelige wolkenflarden loopt. Het bos is mysterieus met grote boomvarens in de mist. Het lijkt af en toe wel een prehistorisch plaatje. Af en toe schiet een kolibri voorbij, maar ze gaan zo snel dat je niet kunt zien wat voor kleuren ze hebben. Bij een beetje slachten we de ananas. Het sap loopt langs Eriks armen. De slachting gaat niet heel makkelijk. snijden alsof het een stok is was geen succes. Schillen ook geen optie. Eerst rondom snijden en de buitenste ring er af halen blijkt de manier. Het is heerlijk verfrissend. We kunnen onze plakhanden wassen in de beek.

Een zijpad leidt naar een uitzichtpunt maar door het weer is er geen uitzicht vandaag. Een geel met zwarte vogel zit in de mist half te slapen als ik hem om een mater afstand zie. We schikken beiden en hij vliegt weg. Het pad wordt steeds breder, er is verderop zelfs beton gestort. Niet echt leuk om te lopen maar wel makkelijker vogels spotten. Helaas hebben we niet veel geluk. We gaan op zoek naar de Quetzal! Deze vogel is een nationaal symbool, je ziet 'm op allerlei producten afgebeeld. Het is dan ook een schitterend gekleurde tropische vogel met iriserend groen verenkleed, rode borst en lange franjestaart. Ik zie iets bewegen in de bomenen kijk met de verrekijker. Een gewone zwarte vogel. Maar dan zie ik ernaast iets groens. Er is fel tegenlicht dus ik zie vooral het silhouet. Aan de snavel te zien is het een toucanet. De vogel is net zo nieuwsgierig als wij en komt langzaam naar beneden, in onze richting. We krijgen steeds meer kleuren te zien. Een donkere snavel met geel en rood. Blauwe veren rond de ogen en onder de snavel blauw en geel. De staart heeft ook een geel uiteinde. Prachtig Erik heeft zijn 400 mm. niet bij zich maar op deze afstand voldoet de 200 mm. We hebben vandaag niet veel vogels gezien maar wel bijzondere!
via Stella's bakkerij en de handwerkwinkel lopen we terug naar Santa Elena. Erik ontmoet de tweede graphic designer. We eten met 4 amerikanen aan een tafel. Het eten lijkt op iets van bamie of spaghetti maar is geen van beide. De amerikanen zeggen 'its great'. Erik kijkt me ongeloofwaardig aan want het vult, maar daar heb je het ook wel mee gehad.
Na het eten weer dagboektijd. We zijn niet de enigen die schrijven. Er zitten vijf mensen rond een tafel te schrijven alsof het een huiswerkklasje is. Morgen willen we naar Santa Elena Park, maar het is niet gemakkelijk te bereiken. De beek die over de weg loopt is bijna een rivier geworden. Een amerikaans meisje is er al ingevallen dus ik hoop dat we morgen droog overkomen. Waarschijnlijk kunnen we om 7 uur een lift krijgen tot vlak voor het park. Geen slecht vooruitzicht dus.


Dag 18 | Monteverde, 21 juli

De lift van 7 uur gaat niet door. We balen want we zijn er om 6 uur voor opgestaan. Voor het eerst in deze dagen regent het nog niet en schijnt zelfs de zon. We ontbijten met scrumbled egg en ham. Om 8 uur worden de meisjes opgehaald maar er gaan nog 5 anderen mee. Om 8:15 komt er een grote 4WD wagen voorgereden. We hebben geluk en kunnen mee. De weg erheen is steil en slecht. Het landschap veranderd van weiland met koeien naar wat meer begroeider weiland en uiteindelijkwordt het dicht woud. In de verte zie ik een beek over de weg stromen van 5 meter breed, dus we zullen wel stoppen. Tot mijn schrik rijdt de chauffeur gewoon dwars door het water! Maar het gaat prima. Ongeveer een kilometer voor het park is de weg te slecht geworden en stappen we uit. Er moeten matrassen, gasfles en gasstel en dozen eten naar het park gesjouwd worden. Dus eenmaal daar aangekomen zijn we al aardig moe en na een korte pauze gaan we met een gids (de eigenaar van het park) het bos in. We krijgen uitleg en namen van dingen die we al weten (de bromelia, de orchidee). Ik zie een hele mooie felgroene rups.
Het begint wat te regenen maar we lopen voorlopig droog onder de bomen. We besluiten na 1 km. zonder gids verder te gaan en de lange route te nemen. Het gaat wel harder regenen. Hoe verder we van de ingang komen hoe modderiger het pad. Het is stil, eng stil. Het enige harde geluid dat we af en toe horen is het rommelen van de Aranal vulkaan. Het is alsof het onweert maar dan zonder flits. Het pad is langer dan we dachten. We moeten drie beekjes over en bij de eerste gaat het bijna fout. Erik moet een voet in de dikke modder zetten om niet achterover in het water te vallen. Met de dikke rugzak vol fotospullen op zijn rug.